By tinusicket | April 22, 2010 - 1:34 pm - Posted in Mabuhay, Retourtje naar hier en terug, Duimzuigerij, Nederlands
  • “Uit welke Flower Power-kringloopwinkel heb jij je garderobe gestolen?”
  • “Hadden ze bij de hondentrimmer een actie: baasje gratis meegeknipt?”
  • “Met zo’n baard heb je in december gegarandeerd een baan!”
  • “Dat gezicht, een schilderij van Monet is er niets bij!”

Het zijn een paar uitspraken die je zomaar los zou kunnen laten op een aantal figuren waarvan je hoopt dat ze nooit de nieuwste mode gaan uitmaken of er ook maar een klein beetje invloed op zouden kunnen uitoefenen.

De schaar er in.

Je hebt ze vast wel eens gezien: van die figuren waar makeover shows miljoenen mee moeten kunnen verdienen. Of ze verliezen ze juist door de hoge makeover-kosten waar zij zichzelf op jagen. Een aantal van deze mode missmatches moeten soms zelfs helemaal opnieuw uitgevonden worden.

Botox, grasmaaiers, anti-nerd-cursussen, cup-lifts, garderobe herzieningen, facelifts, heggenscharen, neuscorrecties, überhaupt wat kleding gaan dragen, nagelbeitels, gezicht in de steigers, mode onderricht en chronische zorgtrajecten bij de dermatologie … er zitten er bij die wel een beetje van alles kunnen gebruiken.

Baduy.

Dat is hoe ze in de Filippijnen mensen noemen die erbij lopen alsof ze het wat betreft mode of gedraging toch net niet helemaal gesnapt hebben. Of gewoon helemaal niet!
Deze uitspraak wordt vaak gebruikt voor – natuurlijk – de mode missmatches, maar vooral ook voor mensen die vervallen in van die typische Peter Parker-onhandigheden.

Zolang het niet past in het beeld van wat we als ‘normaal’ bestempelen, gebruiken ze daar in het Filippijns de term ‘baduy’ voor. Je spreekt het uit als ‘baa-doe-wie’.
Dat is op zichzelf al een hele baduy-uitspraak natuurlijk.

De plank mis hebben.

Het gaat heus niet om mode alleen. Laten we eerlijk zijn: een dierenparagnost of een andere Jomanda verwacht je niet strak in (mantel)pak naar het werk te zien gaan. En toch vinden sommige mensen de kledij die ze wel dragen een beetje raar. Het is maar wat je normaal vindt.
En dat is nou precies waar ‘baduy’ om gaat: wat jij denkt dat de gemiddelde mens niet normaal zou vinden.

Je pasgeboren zoon of dochter vernoemen naar een karakter uit Star Wars, als 50-jarige rond lopen in kleding van een 18-jarige, een spontane uitspatting op een feestje waarna iedereen je raar aan kijkt, ballroom dansen op een house party, etcetera.

In het Nederlands heb ik hier nog niet eerder echt een term voor gevonden. Maar bedenken kan ik hem wel.

Baduy dus.
Laten we eerlijk zijn: wie gaat er tegenwoordig nou nog in een Superman-shirt naar zijn werk?

Voor dit recept heb ik mij laten inspireren door het luisteren naar de fantastische dialoog tussen Gsorsnoi en zijn vader. Dit gesprek vond plaats terwijl wij zondag 24 januari heerlijk aan het genieten waren van de Aziatische kookkunsten van de vrouw van Gsorsnoi.

Gsorsnoi zou wel even uitleggen aan zijn vader hoe hij ampalaya moest klaarmaken.
Echter, met de fantasievolle inbreng van zijn vader, wordt in huizen Snooi  ampalaya nooit meer op de vertrouwde manier klaargemaakt.
Hierbij het aanpaste recept!

Ingrediënten:
(gebaseerd op Ampalaya con carne)

  • 3 stuks ampalaya  (gerekend in ongeveer het formaat van een gemiddelde komkommer)
    In Nederland beter bekend onder de naam ’sopropo’ of ‘bitter lemon’ en o.a. verkrijgbaar op de Oosterse Markt in Beverwijk.
  • 400 gram rundergehakt
  • rijst
  • 3 eieren
  • scheutje olijfolie
  • flink wat zout (voor het kneuzen van de bittere smaak)
    Pekel of strooizout mag ook.

Benodigdheden:

  • keuken met kooktoestel
  • bovengenoemde ingrediënten
  • decoupeerzaag (of als je daar niet zo handig mee bent: gewoon een keukenmes)
  • 2 flinke kommen
  • garde
  • betonmolen
  • lepel of beitel met hamer
  • zaklamp
  • hapjespan of wok voor ampalaya (met deksel)
  • pannetje voor de rijst
  • water
  • handen
  • gezond verstand

Voorbereiding:

Het begon ermee dat Gsor zijn vader en zijn stiefmoeder wilden beschrijven hoe een ampalaya eruit ziet. Zijn beschrijving van zo’n groente komt vaak neer op een ‘gerimpelde komkommer’. Het formaat, kleur en uiterlijk komt daar namelijk wel mee overeen.
Met dit soort situaties is zijn vrouw dan toch net wat praktischer en besloot er eentje uit de koelkast te pakken om te laten zien. De ampalaya zat nog verpakt in een geel plastic zakje waarin ze het hadden gekocht. Met het plastic zakje eraf gehaald gaf zijn vader direct de reactie:
“Jeetje, dat lijkt wel een afgekeurde druipkaars!”
Daarmee begon de inspiratie het recept eens grondig aan te passen.

Bereidingswijze:

Men neme een decoupeerzaag om de ampalaya’s eens grondig in stukken te snijden. Zaag  de kopjes en de kontjes van de ampalaya’s weg en vervolgens het resterende stuk in de lengte door midden. Verwijder de zaden met een lepel of hak ze met een beitel weg. De overgebleven helften van de ampalaya’s moet je dwars in de lengte zagen, zodat je reepjes overhoudt van pak ‘em beet een centimeter of vier.
Stop de ampalaya in een kom , loop er mee naar buiten en wacht tot de strooiploeg voorbij komt. Zodra dat het geval is houdt je de kom schuin onder de spuitgaten waar het zout uit de wagen komt om het op te vangen. Ga met de met zout besprenkelde ampalaya naar binnen om de ampalaya te kneuzen.
In geval van zomer: ampalaya gewoon kneuzen met tafelzout. Flink met de zout knijpen in de ampalaya om de bittere smaak te verdoezelen.Bereid een evenwichtige hoeveelheid rijst naar eigen behoefte.Verhit een hapjespan of wok met een scheutje olijfolie en rijd de betonmolen vast voor. Vul de betonmolen met de eieren. Wel even de schalen verwijderen. Het valt aan te raden de schalen te verwijderen voordat je de eieren in de betonmolen gooit.
Had je de eieren toch al in de betonmolen gegooid? Klim er dan in met een zaklamp om de kapotte stukjes schaal uit de ei te vissen.Ren gauw terug naar je kooktoestel om te controleren of je pan niet te heet wordt. Had ik niet gezegd dat het vuur best laag mocht staan? Rul de gehakt tot deze een mooi bruin kleurtje begint te krijgen. Loop terug naar de betonmolen om deze aan te zetten, anders kun je lang wachten tot de ei gemixt is.
Teruggekomen bij in de keuken merk je dat de gehakt bijna zwart begint te worden. Verwijder de gehakt en begin met nieuwe gehakt. Olijfolie niet vergeten.

Blijft ditmaal bij de gehakt zodat deze niet zwart brandt en laat de betonmolen even voor wat het is. Of de ei nou gemixt of gemixt gemixt is, maakt weinig verschil.
Voeg de gekneusde ampalaya toe aan de gehakt gevolgd door een kleine hoeveelheid water. Laat de ampalaya even koken in eigen vocht met een deksel op de pan.

Na een kleine 10 minuten is de ei wel gemixt (na één of twee minuten eigenlijk ook wel). Dus rijdt de betonmolen de keuken in en schenk de ei boven de pan uit.
Nee sufferd! Eerst die deksel weer van de pan halen.

Pak een kom uit de kast en 3 eieren.
Sla de ei stuk om de rand van de kom en zorg er hierbij voor dat de ei in de kom belandt. Mix de ei met een garde en voeg de ei toe aan de ampalaya in de pan.
Mix het geheel in de pan en sluit deze met de deksel.

5 minuten later is de ampalaya klaar.
Serveer de ampalaya met rijst.

Eet smakelijk!

Vergeet het gas niet uit te zetten.
 
Gezondheidstips:
Ampalaya is goed voor het hart!

Alternatieve recepten:
http://www.filipinovegetarianrecipe.com/vegetarian_main_dish/ampalaya_with_eggs.php
http://recipes.sparkpeople.com/recipe-detail.asp?recipe=474306
http://www.filipinofoodstore.com/recipes/ampalaya-con-carne.html

By tinusicket | February 15, 2010 - 9:37 am - Posted in Mabuhay, Retourtje naar hier en terug, Nederlands

Dat wij Nederlanders zuinige mensen zijn, dat weten we inmiddels wel. Maar wist je dat Filippijnse mensen bijna net zo zijn? En dan vooral die Pinays (Filippijnse vrouwen)!

Moet je dan met die wetenschap eens bedenken wat dat oplevert als zo’n Pinay hier in Nederland boodschappen doet. Je merkt het al direct wanneer ze thuiskomen met een tas vol kleren. Veertig kledingstukken voor nog geen meier. Dat kan bijna geen zuivere koffie zijn. Over koffie gesproken: de schoenen waar ze mee aankomen kosten ook niet duur. Meestal voor niet veel meer dan één bakkie plur.

Toch, het is wel degelijk zuivere koffie. Het zijn alleen duidelijk echte koopjesjagers en krijgen met een glimlach een hoop mooie spulletjes voor de laagste prijs. Vaak nog merkspullen ook.

Afijn, mijn vrouw komt daar dus ook vandaan en is ook niet wars van alles voor de laagste prijs te willen hebben. In het Filippijns heet ‘zuinig’ trouwens ‘kuripot’. Ik kan je verzekeren: dat is ze. Kuripot siya. Ofwel: zij is zuinig.

Laatst waren wij - of all places - op de Zwarte Markt. We hadden wat ingrediënten nodig voor Ampalaya (daar later deze maand meer over) en nog wat andere dingen. Maar om van de Oosterse Markt naar China Town te kunnen gaan zul je op zondagmiddag entree moeten betalen. De entree naar de Oosterse Markt is gratis. De Ampalaya hadden we reeds ingeslagen op de Oosterse Markt. We moesten alleen nog wat klein grut hebben uit die Azië-toko. Staan we bij de kassa om naar het betaalde gedeelte te gaan waar we ieder twee euro entree moeten betalen, pakt ze een paar muntjes uit haar portemonaie om haar deel te betalen en legt dit op de toonbank in het draaibare muntbakje. Even later draait de cassière het bakje terug met de boodschap: “Mevrouw dit is niet genoeg. Dit is 1 euro”. Mijn vrouw kijkt haar aan met een rood hoofd en de gedachte: “Shit, ze heeft me door”. Waarop ik haar weer aankeek en zei : “Jeetje schat, jij bent toch ook echt een Nederlander hè?”

Al met al mag ik niet zeuren. Inkopen doen met een Pinay is vaak wel mura (goedkoop).

By tinusicket | January 12, 2010 - 1:34 pm - Posted in Mabuhay, Retourtje naar hier en terug, Scherpe Blik, Onbedoelde mening, Nederlands

image by MissMarnie, edited by Gsorsnoi  

“Wat een hond” dacht mijn vrouw mij binnensmond te horen vloeken toen een onguur individu naast ons in de bushalte een groenbruine substantie liet neerdalen op de stoeptegels.
“Wat een viezerik” had ze misschien een meer gepaste opmerking gevonden. Maar ze dacht echt dat ik hem wilde uitmaken voor hond. Terwijl ik toch echt wat anders zei.

Sorry, maar wat heeft een hond hier nou mee te maken? Staat deze trouwe viervoeter soms symbool voor rochelend tuig van de richel? Of ander onbeschaafd gespuis?
Nou maken we mensen wel eens uit voor hond wanneer ze iets doen wat alles behalve gepast is. En honden zijn niet altijd de meest keurige dieren. Maar om er gelijk een associatie mee te maken met iets smerigs, dat zou ik geen eerlijke vergelijking vinden ten aanzien van het geliefde huisdier.

Een man dringt voor in de rij bij de kassa; het persoon met wie ik mij verkeerd liet verbinden kankerde naar me; met piepende banden maakt een automobilist een draai op een weg waarbij een andere weggebruiker maar net voor hem kan remmen; een vriendje van onze buren urineert in onze gezamenlijke lift.
Dit is zomaar een greep uit dagelijkse irritaties waar menig mens wel eens mee in aanraking komt. Irritante gedragingen die we inderdaad wel eens beantwoorden met het persoon voor ‘hond’ uit te maken. Maar er is een woord wat mij toch sneller van mijn lippen los komt: ‘aso’.

Nu ik begrijp waarom zij denkt dat ik ze zo noem, krijgt het woord ‘aso’ wel ineens een heel treffende dubbele betekenis. Alhoewel het oneerlijk blijft tegenover het welbekende huisdier.
‘Aso’ is namelijk Filippijns voor ‘hond’.

By tinusicket | December 27, 2009 - 5:34 pm - Posted in Mabuhay, Retourtje naar hier en terug, Nederlands

image by Keith Bacongco, edited by Gsorsnoi

Oftewel: Prettige Kerstdagen en een Gelukkig Nieuwjaar op z’n Filippijns.

Het was aanvankelijk onze bedoeling dit jaar de Kerstdagen in de Filippijnen te vieren. Alleen liep dat door omstandigheden allemaal even wat anders dit jaar. Geeft niks, uiteindelijk zijn we toch in oktober de Filippijnen geweest en hebben daar een fijne tijd gehad. Toch heb ik daardoor wel weer opnieuw de Filippijnse Kerst gemist. Of toch niet?

Met de besef dat we de Kerstdagen in Nederland zouden doorbrengen vond ik het geen punt om de alarmdienst voor mijn werk op me te nemen. Ik had toch nog geen plannen gemaakt. Dus ik kon beter dit jaar de sigaar zijn, dan het toeval dat ik de dienst zou moeten draaien te laten samenvallen met een jaar waarin ik met familie of vrienden in het land had willen afspreken. Wat er ook gebeurt, volgend jaar zit ik bij familie en vrienden.

Het zat me achteraf reuze mee. Eerste Kerstdag zitten we altijd met het gezin thuis. Mijn vrouw zou Tweede Kerstdag bij vrienden in Helmond zitten en mijn dochter en ik zouden er wel wat op vinden om ook die dag gezellig te kunnen doorkomen. Dat was het geplande scenario tot we van de alhier gemaakte Filippijnse vriendenkring een telefoontje van een stel kregen om Tweede Kerstdag bij hun te vieren. Gaaf!
Mijn vrouw moest bedanken want ze had al een afspraak. Maar mijn dochter en ik hoefden er niet voor thuis te blijven.

Dit stel woont op tweeënhalve minuut en drie keer struikelen afstand van ons. Dus dat hield mij voldoende mobiel om oproepbaar te kunnen blijven voor het werk.
Eenmaal daar aangekomen stond ik met beide benen in de Filippijnse Kerstsfeer. Heerlijk! Toch nog een beetje een Filippijnse Kerst. De meeste van dit soort Filippijnse feesten starten rond een uur of vier of vijf. Er wordt altijd bij gegeten en in de meeste gevallen is er ook karaoke. Terwijl de vrouw des huizes een feestelijk Filippijns kerstmaal klaarmaakt terwijl ze in de keuken aan het kwebbelen is met de Pinays (Filippijnse vrouwen) wordt er in de woonkamer door de mannen wijn en bier gedronken. Later op de avond gaat dan vanzelf de TV aan en komt de Magic Mic (http://www.magickaraoke.com/) tevoorschijn en wordt er vrolijk gezongen.

Of iedereen daar nou blij van moet worden, laat ik aan de mensen zelf om te oordelen. Van mezelf mag ik zeggen dat ik er aardig bij meebler.

Typerend aan een Filippijns Kerstmaal is toch zeker de embutido (http://en.wikipedia.org/wiki/Embutido   &  http://www.allfavoriterecipe.com/RecipeDetailEmbutido(FilipinoMeatloaf).aspx ). Zie het maar als de Filippijnse versie van meatloaf. Embutido is een samenstelling een aantal ingrediënten waaronder ei, groente en worst, gewikkeld in de ingewanden van een varken. Eet smakelijk!
Andere Filippijnse gerechten die je veel op deze feesten tegen komt, maar ook zeker in de alledaagse keuken zijn gerechten zoals:

  • ampalaya
  • sinigang
  • menudo
  • kang kung
  • nilaga
  • kaldereta
  • en natuurlijk adobo

In de volgende artikelen in 2010 zal ik het zeker niet laten Rina eens te vragen deze recepten met jullie te delen. Je kunt je voorstellen dat ons Kerstmaal weer gegarandeerd een feestelijk en smakelijk geheel is geweest. Maar ik moet toegeven dat ik buiten de karaoke en het Filippijnse taaltje toch wel wat andere tradities heb gemist.

Zo hebben wij hier geen parols (decoraties van papier maché met bamboo die de ster van Bethlehem moeten voorstellen) en Kerst zonder sneeuw maar 30 graden in de volle zon … dat moet toch ook een belevenis zijn!

Kerst in de Filippijnen is toch zeker het allergrootste feest wat er daar bestaat. Vroeg in september, terwijl wij alweer nachtmerries krijgen van die man met die mijter, zijn zij al bezig met het ophangen van Kerstversieringen. En ik menig winkelcentrum (de malls!) galmt de Kerstmuziek de opvolgende drie maanden dag in dag uit door de winkelstraten.

Ik kijk er nog altijd naar uit om dat allemaal eens mee te maken daar.
Maar Kerst vieren met je Filippijnse gezinnetje terwijl je hier je eerste witte Kerstdag met ze kan vieren … is ook onbetaalbaar!

By karelriemelneel | December 13, 2009 - 3:49 pm - Posted in Mabuhay, Retourtje naar hier en terug, Nederlands

De Filippijnen is best een leuk vakantieoord. Zeker voor avonturiers onder ons die de ongerepte natuur wel kunnen waarderen. Tel daar de culturele aspecten van de bevolking bovenop waar we hier in het Westen vaak maar weinig weet van hebben en je hebt gegarandeerd een interessante vakantie met een hoop verassingen.

We schrijven vrijdag 11 mei 2001.
Ik was net twee weken eerder in de Filippijnen gearriveerd en was voornemens aan het einde van de vakantie met een verlovingsring terug te vliegen naar ons koude kikkerlandje.
Deze verloving vond plaats in de idyllische vallei van Taal Lake nabij Tagaytay. Dit is een plaatsje in de provincie Batangas in de Filippijnen bovenop een bergrug aan het grote Taalmeer ten zuiden van de Filippijnse hoofdstad Manilla. Het Taalmeer wordt gekenmerkt door Volcano Island welke een vulkaankrater herbergt met een hoogte van een kleine 311 meter. Taal is een steile kegelvormige vulkaan welke niet meer uitgebarsten is sinds 1977, maar sinds 1991 al weer een paar malen onrustig is geweest. Taal Volcano behoort tot de 16 ‘Vulkanen van het Decennium’. Zo genoemd vanwege hun bijzondere studiemogelijkheden, geschiedenis, hun grote vernietigende uitbarstingen en ligging aan bevolkte gebieden. Ze is het kleine zusje van haar grote zussen welke meer internationale bekendheid genieten zoals Etna (Sicilië, Italië), El Teide (Tenerife, Canarische Eilanden), Vesuvius (Napels, Italië) en Unzen (perfectuur Nagasaki, Japan).

Onze verloving vond daarmee plaats op een erg intrigerende locatie. Laat me je dat wel vertellen!
Op de dag vóór onze verloving zijn we met behulp van een bangka (Filippijnse outrigger) naar het eiland afgereisd en hebben we de Taal beklommen op de rug van kleine paardjes. Een erg instabiele steile beklimming en doodeng!
Teruggekomen van het bezoek aan het eilandje hebben we ’s avonds aan ons hotelletje nog een lekkere Tilapia gegeten welke door het hotelpersoneel vers voor ons werd gevangen in het meer en voor ons werd klaargemaakt.  De primitieve Filippijnse provinciaalse sfeer lag er erg dik bovenop en bezorgde ons een tijd om nooit meer te vergeten.

Wat ons echter ook altijd is bijgebleven is de ietwat bizarre ervaring die wij overdag tegen de schemering hadden meegemaakt.

Om een beetje een indruk te krijgen van de omgeving om het meer besloten we om een korte wandeling te maken in het kleine plaatsje Talisay. Talisay is ook het plaatsje waar ons hotel stond, zodat we enkel de straat uit hoefden te lopen om het plaatsje te verkennen.
We liepen op ons gemak door de straat zodat we de omgeving rustig in ons op konden nemen. Heel rustig bleef het echter niet. Redenerend vanuit de plaatselijke bevolking kwam hier een jong stel de straat in lopen. De vrouw was Filippijnse waar niets ongewoons aan was. Maar het persoon aan haar zij bleek een schokkende indruk achter te laten: hij was blank!

Stel je een horrorfilm voor waarin een pas verloofd stel een verlaten stad binnen wandelt en waar vanuit alle hoeken en gaten zombies te voorschijn komen.
Op deze manier kwamen de inwoners van Talisay uit hun vervallen woningen ‘kruipen’ om zich te verbazen over deze man met zijn witte huid. Mannen, vrouwen en kinderen, iedereen kwam op ons af om ons te bekijken en mij te betasten. “Hey Joe!” hoorde je diverse malen zeggen. Een typische Filippijnse uitspraak welke gericht is aan de blanke toeristen waarvan voor het gemak wordt aangenomen dat ze Amerikaans zijn.

We hadden de straat hooguit een meter of tweehonderd ingelopen en stonden doodsangsten uit. Alsof wij als ontwikkelingswerkers hun straat binnen kwamen lopen om voedsel te brengen waar ze al weken op zaten te wachten.
Een hand van een kleine knul pakte mijn blanke hand om zijn eigen karamel kleurige huid naast te plaatsen ter vergelijk. In het Filippijns sprak deze jonge man tegen een broer of vriend zo van: “kijk broeder, zijn huid is wit!”

Eng, maar een begrijpelijk fenomeen voor een volk welke zelden in contact komt met anders getinte buitenlanders. Toch hadden mijn verloofde en ik zo lang een toeristische trekpleister als de Taal Volcano zelfs van de plaatselijk bevolking wel verwacht dat zij gewend zouden zijn aan ‘blanke’ toeristen.

Al met al een onvergetelijke verloving, zonder erupties, maar wel vergezeld van een bizar avontuur.

Meer informatie:

By tinusicket | October 30, 2009 - 2:09 pm - Posted in Mabuhay, Retourtje naar hier en terug, Nederlands

Laten we eens een lekker diepzinnig Filippijns onderwerp aankaarten: utang na loob.

Door sommige mensen wel eens te kort door de bocht vertaald als wederkerigheid /reciprociteit. Of: als jij iets voor mij doet, dan verwacht ik dat jij ook iets terug doet voor mij.

Utang na loob, wat letterlijk vertaald “iemands binnenste schuld” betekent, is een typisch Filippijnse gewoonte en weegt een stukje zwaarder dan de korte vertaling van hiervoor. Niet voor niets wordt het Filippijnse woord ‘loob’, wat ‘binnen’ betekent, gebruikt om aan te duiden hoe diep te schuld zit. In een zwaarder verband getild zou ‘je ziel verkopen’ op hetzelfde neerkomen.
‘Utang’ betekent ’schuld’.
 
Filippijnse mensen voelen de schuld die ze bij een ander maken als een hele zware zaak. Heb jij een Filippijnse familie geholpen door kosteloos een dak bij ze te repareren, dan kun je erop rekenen dat ze jou ook nog eens uit de brand zullen helpen. Dat moet. Zo voelen ze dat. Door deze familie te hebben geholpen met hun dak, hebben zij eigenlijk een stukje van hun ‘binnenste’ aan jou verkocht. Zelfs als er geen echt geld bij gemoeid gaat, hebben ze toch zojuist een opstaande rekening bij jou gecreëerd. Een rekening die ze graag vereffend willen hebben.

Voor wat hoort wat.

Al moeten ze iets van zichzelf weggeven wat ze zelf eigenlijk niet kunnen missen, ze zullen je ermee terug willen betalen. Deze wederdienst geldt voor hun als een plicht.

Bij het redden van iemands leven, het helpen aan een baan of het geven van leven (geboorte) ontstaan grote ’schulden’. De schuldenaar kan zich hierdoor een leven lang verplicht voelen zich in dienst te stellen van de gunsten van de schuldeiser.

In de jaren 90′ is deze extreme vorm van wederkerigheid een heel stuk minder geworden in de Filippijnse cultuur. Maar het blijft heel normaal dat wanneer jij een ogenschijnlijke onschuldige gunst aan hen verleent er altijd wel een minstens zo gelijkwaardige gunst of gift aan je wordt teruggegeven.

By tinusicket | September 14, 2009 - 12:27 pm - Posted in Mabuhay, Retourtje naar hier en terug, Nederlands

Het is een leuk taaltje dat Filippijns.
Daar kom je vanzelf wel achter als je jezelf deze taal wilt eigen maken. Zoals je zult begrijpen is dat precies wat ik mij aan het aanleren ben nu ik toch al een flinke tijd het huishouden deel met mijn Filippijnse gezinnetje.

Dikwijls wordt mij de vraag gesteld waarmee dat Filippijns nou eigenlijk te vergelijken is. Die vraag laat zich niet echt heel gemakkelijk beantwoorden. In de Filippijnen zijn 172 inheemse talen terug te vinden met bijbehorende dialecten. Dat is natuurlijk best een hoop, maar het is ook erg versnipperd. Veelgehoorde talen aldaar zijn Tagalog en Cebuano. Die eerste probeer ik mijzelf nu eigen te maken. Vooral ook omdat we in oktober die kant weer op gaan.

Het is interessant als je dan een vergelijk gaat maken met onze eigen taal. Met een sterk werkwoord als ‘lopen’ zijn wij gewoon te zeggen: ‘ik loop’, ‘jij loopt’ en ‘ik liep’, ‘ik heb gelopen’. Veel spannender dan dat wordt het vaak niet.
In het Filippijns hebben ze wat leuks gevonden op die verschillende verschijningen van een werkwoord. In plaats van in een werkwoord een handjevol klinkers op de schop te nemen of er aan de achterkant één of twee letters aan te plakken, plakken en vervangen zij zich daar helemaal suf. Blijkbaar vinden ze dat toevoegen van lettergrepen erg leuk.

Hier een voorbeeldje van het werkwoord ‘toevoegen‘:

Stam: Dagdag
Nagdagdag Voltooide tijd
Nagdaragdag Onvoltooide tijd
Magdaragdag Toekomende tijd

Dan denk je dat je er nu zeker wel bent? Ja dag!
Bovenstaand rijtje is alleen nog maar van toepassing op de vervoegingen voor het gebruik van het werkwoord indien hier een ‘actor focus’ op van toepassing is. Oftwel: als iemand dit werkwoord zelf bezigt.
Ligt de nadruk eerder op het object wat hieronder heeft te lijden (het lijdend voorwerp) dan volgt er nog zo’n rijtje:

Dinagdagan Voltooide tijd
Dinaragdagan Onvoltooide tijd
Dadagdagan Toekomende tijd

Het wordt pas echt leuk als lettergrepen die in werkwoorden worden gebruikt op zichzelf staand er ook een eigen betekenis op nahouden. Neem bijvoorbeeld de lettergreep ‘ba’ uit het werkwoord ‘baba‘ wat ‘naar beneden gaan’ betekent. Deze ‘ba’ wordt namelijk ook in een zin gebruikt indien deze vragend gemaakt moet worden. En in het werkwoord ‘baba‘ wordt dit ‘bababa’ als het om de toekomende tijd gaat.

Bababa ba?

Snap jij um nog?

By tinusicket | August 8, 2009 - 6:40 pm - Posted in Mabuhay, Retourtje naar hier en terug, Nederlands

Grote kans dat je je nu net zo voelt als toen ik voor het eerst in de Filippijnen was geland en op deze manier werd aangesproken. Hoezo “Hey Joe!” ? Wat is er mis met “Hello Sir!” ? Denk je me te kennen? Lijk ik op een vriend van je die zo heet?
Nee, hier was iets heel anders aan de hand. De Filippijnen is voor iets meer dan 100 jaar in Amerikaanse handen geweest. Als gevolg van die bezetting worden blanke buitenlanders al gauw voor Joe uitgemaakt. Het is niet per se noodzakelijk dat je eruit ziet als een Amerikaan. Ruik je als een toerist die weleens een tiet geld op zak zou kunnen hebben, dan wordt er aanvankelijk een hoop voor je gedaan. Daar kom je tussen de taxichauffeurs op het vliegveld al gauw achter.

Vers geland op Filippijnse bodem zul je net als op andere vliegvelden even moeten wachten op je bagage. Zat jouw tas er tussen? Dan zul je jezelf door de douane moeten wurmen. Je moet even verklaren dat je geen witte substantie per ongeluk in je koffer hebt meegevoerd, omdat je anders de DEATH PENALTY krijgt toebedeeld.
Dat klinkt allemaal erg zwaar, maar als jou niet het ongelukkige toeval heeft getroffen dat iemand wat in je koffer heeft gestopt of je dit zelf hebt gedaan, valt het allemaal reuze mee.

Eenmaal voorbij die douane moet je op Ninoy Aquino International Airport (NAIA) door een waaiervorming tunnelsysteem naar buiten lopen om het vliegveld te kunnen verlaten. Daar waar tunnel ophoudt, sta je plotseling buiten en ligt er een zebrapad voor je die een kruisende weg in tweeën deelt.
Om je heen staan allemaal taxi’s langs die kant van de weg. Aan de overkant van het zebrapad wordt het zicht ontnomen door een muur met een poort die bewaakt wordt door militairen. De poort is deels afgedekt. Door de stangen van de poort is een groep mensen te zien die ogenschijnlijk op mijn kant van het zebrapad hopen hun Messias te zien verschijnen.
In een flits zie ik de reactie van de fans die na het eerste optreden van de Jackson 5ive destijds hun idolen wilden bestormen. Voor Michael en zijn broers liep dat toen bijna fataal af.

“Hey Joe!” hoor ik naast mij geroepen worden. Een taxibestuurder komt op mij af en herhaalt: “Hey Joe!”. Hij biedt met een gebaar met zijn armen aan om mijn reistassen aan te nemen. Voor ik überhaupt de kans krijg te reageren of het me te realiseren pakt hij mijn tassen al vast.
In een oogwenk zie ik mijn vriendin. Ze staat als een sardientje rechtop tussen de mensenmassa achter het hek. Ze zwaait naar me en gebiedt mij naar haar toe te komen. Het lijkt even alsof de wereld stil staat en ik niets hoor behalve haar geluidsloze vraag naar haar toe te komen. Mijn wereld bestaat op dat moment alleen uit de aandacht tussen haar en mij.
Ik ontwaak uit een trance zodra ik merk dat mijn tassen zijn verplaatst tot naast een taxi. Ik schrik van dat besef en spoed mij naar de taxichauffeur. We bekvechten om mijn spullen. Hij probeert verontschuldigend op me over te komen en tracht me te overtuigen dat hij mij alleen wil helpen met het taxiritje. Helaas voor hem, was ik door mijn vriendin al geïnformeerd over deze beruchte taxiritjes. Dus ik bedank.
Met veel pijn en moeite probeer ik mij en mijn spullen los te wringen uit zijn handen en wil de straat oversteken. Daarop ontvang ik een strenge blik van een militair die de overgang bewaakt: “Schipper mag ik overvaren, ja of nee?” Zijn afkeurende blik moet iets betekent hebben als: “als je oversteekt zet ik je op water en brood”. Maar dat laatste zal wel rijst geworden zijn.
Even twijfel ik. Mijn blik wisselt tussen mijn smachtende vriendin en de afkeurende ogen van de militair. Nou weet ik natuurlijk allang dat de Filippijnen als corrupt land bekend staat. Maar moet ik hier de conclusie uit trekken dat ik de nor in ga als ik geen taxi neem? Het moet niet gekker worden.

Uiteindelijk steek ik op hoop van zegen het zebrapad toch maar over. Zo hard heb ik bepakt met reistassen nog nimmer een weg overgestoken. Het hek wordt gelukkig (met een zuinige marge) geopend zodat mijn vriendin mij mag begroeten.
Omkijken doe ik niet meer. Ik loop zo vlot als ik kan met haar mee en verdwijn van dat enge toneel.

By tinusicket | July 8, 2009 - 12:00 pm - Posted in Mabuhay, Retourtje naar hier en terug, Nederlands

Mijn vrouw is een Filippijnse migrant.

Aangezien het wel wenselijk is dat je Nederlands spreekt en wat van onze cultuur en regeltjes begrijpt, heeft zij dus ook een inburgeringcursus gedaan. En nog elke dag leert ze nieuwe Nederlandse woordjes en uitdrukkingen bij. Ze doet aardig haar best en spreekt inmiddels beter Nederlands dan ze zelf zou durven toegeven.

Het communiceren met een Nederlands lerende immigrant levert doorgaans bijzonder vermakelijke situaties op. Neem bijvoorbeeld onze G-uitspraak. Dat is geen ‘G’ zoals in “Give me my money George”. Daarin klinkt de eerste ‘G’ als een kakelverse ‘K’. De tweede ‘G’ heeft een zacht Djarleeling smaakje. En de laatste ‘G’ neigt in klank als de “shhhhst!” van “houd je mond!”.
Als wij deze letter gebruiken dan klinkt het heel anders. We worden er door menig buitenlander namelijk van verdacht dat we even ons keel aan het schrapen zijn als we die uitspraak hanteren. Onze ‘G’ klinkt als een vette rochel.
“Gggghrlg!”

Mijn vrouw heeft daar dus ook moeite mee, maar schroomt niet het te proberen. De eerste paar malen echter dat ze deze letter – soms vermomd als ‘CH’ – moest hanteren, kwam het er bijzonder lachwekkend uit. Zij vindt onze ‘G’ daarom ronduit belakkelijk.