image by Burning Image, edited by Gsorsnoi

Het kopje van de Reuze Navelpad gonsde flink nadat hij weer een beetje tot zichzelf kwam en zag dat hij zich naast de hefboom op de vloer bevond. Letters van wel honderd bekende Nederlanders dwarrelden door zijn hoofd zodat hij niet langer wist tot wie ze behoorden.
MjikierKWhaRroacdrucaealcd en ceapnsaucksshheserFenDDnoavrtnD schoot in de wirwar van letters voorbij. De logica van de woorden en anagrammen was compleet verdwenen. Voor zover je van logica kon spreken althans.
Met zeer veel moeite kromde hij zijn gedachten en wist flarden van anagrammen als Caramel, Draak, Chakra, Harkje, Mauwde en Ecuador te maken van de eerste letterbrij en Schande, Pekdraden, Afschansen, Schaatsen, Snurf en Dankspeech van de tweede. Het sloeg in zijn gevoel nergens op. Deze anagrammen moesten incompleet zijn en misschien wel tot twee bekende Nederlanders tegelijk konden behoren.

Lang kon hij zich er niet druk om maken. Hoe hard moest hij wel niet tegen die hefboom geknald zijn geweest? Duizelig probeerde hij zich te verplaatsen en had daar grote moeite mee. Hij keek om zich heen en merkte direct hoe stil het in de werkplaats was. Dit zou zo´n moment zijn geweest dat je kon stellen dat de pastoor langs was geweest. Plotselinge stilte in een conversatie. Ook al wilde hij graag geloven in een onderbreking in een gesprek, dit was hem toch te stil. Hij keek om zich heen en kwam tot een schokkende conclusie:
Onderdelen van diverse uitvindingen lagen overal en nergens en hadden hier en daar stil gehouden in de lucht. Onderbroken in hun vliegtocht richting de zakhorloges hadden ze halt gehouden. Maar dat kon toch helemaal niet? Had iemand ze opgehangen aan visdraden?
Op het moment dat hij opzij keek naar de professor en Achmed wist hij het zeker: alles stond stil.

Achmed en Theo bewogen niet, maar toonden beide een wanhopige uitdrukking die met veel stemgeluid “Nee!” leken te roepen naar de Navelpad en spontaan van top tot teen waren bevroren. Achmed’s arm greep in het luchtledige naar de plek waar de pad in één van de zakhorloges was verdwenen.
Niets bewoog.

Paniek sloeg toe. In zijn gelaatsuitdrukking sprak het ongeloof door. De Navelpad wankelde achteruit en voelde zich licht in het hoofd worden. Flauwvallen kon hij zich niet permitteren dus moest hij het gevecht aan zijn verstand erbij te houden.
Toch kreeg hij bij het draaien van zijn hoofd zowat een rolberoerte.
Pal voor zijn neus hing de vlieg in de lucht en zwiepte daar zeer langzaam met zijn vleugels. Net een slow motion opname uit een documentaire. Blijkbaar was er toch nog wel iets wat er behoudens hemzelf in beweging bleef in deze akelige troosteloze setting. Zij het bijzonder langzaam. Het was de vlieg waarin hij eerder zijn interesse had getoond waardoor hij alles om zich heen vergat en in de etmaluur terecht was gekomen.

Met dat besef draaide hij zich opnieuw om, zodat hij binnen de 360 graden praktisch alles heeft kunnen bezien. Zijn hele lijfje bibberde. Woordeloos hakkelde hij wat stemgeluiden en leek volledig gegrepen door de meest beangstigende horrorscene die je je kon voorstellen.
Uit de nog altijd fel verlichtte zakhorloges die in de hefboom zaten vastgedrukt stoken zijn beentjes half uit het uurwerk en bewogen wanneer hij ze aanstuurde vanuit zijn hersenen.

“B-ben ik dood?” stamelde hij en realiseerde zich dat hij de enige was in dit universum dat zich op een gezonde snelheid bewoog. De pad beschouwde zichzelf en schrok zich een ongeluk toen hij zag dat zijn beentjes daar onder aan zijn weke lijfje in een wazige schim verdwenen. Een kille gedachte “Is dit hoe de dood eruit ziet?” klonk in zijn hoofd. Alhoewel ‘dood’ de eerste gedachte was, maakte de omgeving duidelijk dat er iets anders loos was.
Onwillekeurig trachtte hij zijn tenen te bewegen, maar kreeg daar beneden geen antwoord. Het antwoord kwam van zijn tenen die nog uit de etmaluur staken.

De Navelpad bevond zich voor de helft in deze stille wereld en nog voor de helft in de ruimte en tijd waar Achmed en Theo aanwezig waren!

Nu zou een goed moment zijn geweest om compleet gek te worden en een flinke gil te schreeuwen. In een horror zit je altijd op dat moment te wachten zodra het meest afschrikwekkende deel van de film zich presenteert.
En wanneer dat gebeurt ziet de regisseur van de film het liefst dat je dan met je handen over het hoofd diep in de bioscoopstoel naar veiligheid zoekt en kreunt en krijst van afschuw. Ieder normaal mens zou met deze absurditeiten de relatie met de werkelijkheid hebben verloren en hebben willen vluchten.

Maar iets knapte er in de pad.
Zijn gillen bleef uit en werd bijna ‘gemaakt’ kalm. Zijn arm trilde toen hij deze uitstak om naar het vliegje te grijpen. Het hing weerloos naast hem in de lucht, kon fladderen wat het wilde, maar zou altijd langzamer zijn dan zijn belager. Vier bruine vingers bogen zich over de vlieg en sloten zich.

“My precious”
… nee … dit is geen hoofdstuk uit een film met hebberige Hobbits. De Reuze Navelpad was zijn eigen zenuwen aan het tarten terwijl hij een poging deed te begrijpen in wat voor wereld hij zich nu bevond. Zijn hand had zich gesloten en trok de vlieg naar zich toe.
Tenminste … dat dacht hij.

De pad had met zijn handje dwars door de vette vlieg gegrepen. En in plaats van de aanwezigheid van een vlieg in zijn hand, fladderde het traag verder in de lucht en werd door een onbekende kracht uit elkaar getrokken. Pixel voor pixel - zo zou je kunnen zeggen – trok de materie zich uit de vlieg los.
Onze Reuze Navelpad keek om zich heen en zag dat de hele omgeving op die wijze uit zijn verband begon te trekken en in een boog opkrulde.
Hij behoorde niet meer tot deze wereld en bleef zelf half in tact (zonder zijn beentjes).

Hij was de enige.
De hele werkplek om zich heen was bezig om zich als een tortilla op te vouwen!

Wordt vervolgd.

Vorig hoofdstuk: Etmaluren

By achmedlien | August 27, 2010 - 10:03 am - Posted in Gekalibreerde Gedrochten, Galbakkerij, Nederlands

image by MFS, edited by Gsorsnoi 

De Gobiwoestijn was veranderd in een hete oven. Geen plek waar je onvoorbereid op pad moest gaan of het ook maar in je hoofd moest halen om te weinig vocht met je mee te brengen. Menigeen heeft de barre droge tochten door deze zandbakken  die onze planeet kent niet overleefd. Toch kun je het slechter treffen: de Gobiwoestijn is naast één van de grootste woestijnen ook de koudste.

Of het niet erg genoeg is om een langzaam afbladderende huid, een droge tong en gezwollen ogen door een zee van zand te moeten struinen, liggen er de Gobiwoestijn nog meer kwellingen op je te wachten dan het gevecht tegen de hitte. De Gobiwoestijn is er één van extremen.  Het kan er op zijn heetst tegen de 40 °C zijn terwijl het in januari gemakkelijk onder de min 40°C kan dalen. Sneeuwstormen nemen de diensten van de zandstormen dus over wanneer de winter valt.

Maar niet op die noodlottige hete dag. Een woestijnnomade, alleen op pad, heeft onlangs afscheid moeten nemen van zijn kameel die onderweg met hem naar huis een lelijke val had gemaakt. Zijn berijder, die er vanaf toen alleen voor stond, zag zichzelf genoodzaakt om het laatste stuk naar huis zonder behulp van het schip van de woestijn te moeten afleggen. Hij kon moeilijk met een stervende kameel op zijn rug door de woestijn slenteren.
Feitelijk was hij gewoon een woestijnschipbreukeling.

Kies jouw dood.

Hij zou niet worden overreden door een jeep, zichzelf van kant maken door een verslechterende psychische toestand of gedood worden door woestijnrovers. Vocht en eten had hij ook niet veel meer, maar ook dat zou niet de reden zijn waarom hij de man met de zeis tegen het lijf zou lopen.

Het was ergens bij een willekeurige zandheuvel. Op de top van deze heuvel kon je om je heen kijken en nog altijd niets anders zien dan zand, zand en nog meer zand. Voorbij de horizon lag zijn huis. Dat hij zo dicht tot zijn huis was genaderd zou hij alleen nooit weten.
De grond begon te trillen en te beven. Het zand kwam op een aantal plekken losser te liggen. Was dit een woestijnbeving? Of misschien een grote zandverschuiving waarin hij werd opgeslokt?

Zand happen.

Nee. De man verloor zijn evenwichtig door al het verplaatsende zand en nam er een hap van toen hij tegen de grond werd gesmeten. Met een bulderend gegier rees een grote kolom uit het zand omhoog. Meer zand verplaatste zich, zodat hij moeite moest doen om er niet in begraven te worden. De kolom die uit het zand tevoorschijn was gekomen moest een omtrek hebben gehad die niet onderdeed voor de gemiddelde woudreus.  Maar het moge duidelijk zijn dat hij die hier niet hoefde te verwachten.

De woestijnnomade keek de dood in ogen. Een gigantische rode worm had zich uit het zand opgetrokken en kronkelde wiegend in de droge lucht. Zij had borstelachtige poten die uiterlijk sterk overeenkwamen met die van een duizendpoot. En misschien had ze er wel zoveel! Lange gelige tanden hingen er uit haar bek. Zij kwijlde en jeukte inwendig van de honger.
De beste vergelijking die er nog was te maken met deze afstotelijke verschijning was er een met een darm die zich tot een monster had gemuteerd.

Aan tafel!

Lang kon dit monster daar niet blijven. De dodelijke woestijnhitte zou haar glibberige huid doen opdrogen. Zij kwam om haar kinderen te voeden en zou weer in het zand verdwijnen. Op dit moment zou de nomade hebben gedacht dat hij nu zo ver heen was dat hij aan het hallucineren was geslagen. In werkelijkheid echter bevond hij zich boven op het nest van de Mongoolse Doodsworm.

We laten de arme nomade maar in de veronderstelling dat hij gestorven was door uitdroging en deze hallucinatie hem kwam halen. Aan weerzijde van de man verschenen twee Mongoolse doodswormen die niet groter waren dan een schoothondje. Zij elektrocuteerden hem onder het toeziend oog van hun grote moeder en schrokten reeds zijn ledenmaten naar binnen. 

By karelriemelneel | August 20, 2010 - 9:07 am - Posted in Scherpe Blik, Nederlands

Las ik vandaag in de krant:

“Wespenvanger vangt bot”

Dan heb je het toch ook niet helemaal begrepen met je beroepskeuze. Ga dan vissen! 

“Haal eerst die balk uit uw eigen oog, dan ziet u pas scherp genoeg om die splinter uit het oog van de ander te halen” (Mattheüs 7:3-5).
Dat zal ik vast nog vaker horen wanneer ik op de schrijffouten van een ander let en zelf schreivouten bij het leven maak. Contamineren doe ik ook zonder schaamte.

Maar de schreivout die ik heb gevonden in het artikel “Grote mensen verkeer” van mijn collega reporter Johan  vond ik wel zo leuk, dat ik het niet kan laten er een artikeltje aan te wijden. Dus zondig ik maar weer. Overigens gaat het me hier niet zozeer om een letter die abuis was op een velletje. Het is het velletje plastic dat ik fel begeerde.

“Wat bedoel je eigenlijk met: ‘vel begeren’?” werd hem terecht gevraagd. Of bedoel je misschien toch ‘fel begeren’? En dan die comment die ene Blik op de weg maakte op hetzelfde artikel: “een vel roze stukje plastic”. Weten we misschien wat daar de achterliggende gedachte van was?

Het antwoord is betrekkelijk eenvoudig:
Mijnheer Veenhof leefde waarschijnlijk nog in de veronderstelling dat ik mij bij de gemeente kon melden om vervolgens weer naar buiten te lopen met het ‘roze papiertje’. Een vel papier van een welbekende kleur waarmee je naast jezelf ermee legitimeren ook in een vehikel van een zeker type mag stappen, om er de weg mee op te gaan. Of zo je wilt: om je ermee te begeven in het Grote mensen verkeer. Oeeeehhhh!!!
De ambtelijke molen is er sinds het verdwijnen van berenvelletjes niet sneller op gaan draaien. Tegenwoordig moet je vijf werkdagen wachten tot het plastic is gefabriceerd (als ze open zijn!).

Beste Johan, de tijden zijn inmiddels iets veranderd.
Eén Blik op de weg maakt duidelijk dat ze die roze bewijsjes tegenwoordig soms uitdelen aan mensen, waarvan je kunt afvragen of je ze al op een (bak)fiets aan het verkeer kunt toevertrouwen. Dat terwijl nog relatief jonge honden, maar ervaren, zoals ikzelf er jaren voor hebben moeten zwoegen om de instanties duidelijk te maken dat ik best voorzichtig en netjes kan rijden.
Was 70 lessen niet genoeg?

Wat ‘plastic’ nou toevoegt aan dit felbegeerde bewijsje, is mij nooit helemaal duidelijk geweest. Kan ik mijn onlangs verkregen rijbewijs er straks misschien mee opwaarderen tot BE als ik hem langs een automaat houd?

image by Gsorsnoi, edited with DAZ3d and Photoshop

Achmed wierp de professor een kwade blik toe en eiste een antwoord op de vraag: “Theo, WAT is de ‘etmaluur’?” Hij wilde Theo bij zijn vest pakken om het antwoord uit hem te schudden, maar hij had Theo niet in zijn bereik.
Daarbij had hij wel wat anders aan zijn hoofd. Juist wanneer hij op hem af wilde lopen dook hij op de grond om te voorkomen dat een losgerukte bronzen plaat zijn hoofd op enkele millimeters voorbij vloog. “Ai!” bracht hij uit, legde zijn hand op een snee op zijn schouder en keek de plaat verschrikt na die zich even later in het zakhorloge boorde en verdween.

Hij vloekte en bedacht zich dat zij in het huis van Theo nog geen minuut veilig waren geweest en rustig een gesprek hebben kunnen voeren.
Het volgende wat Achmed moest ontwijken was een percolator hete koffie die als een geleide projectiel met hete inhoud op hem was afgekomen. Enkele hete druppels morsten er op zijn vingers zodat hij weer een kreet van pijn uitte.

“Achmed!” schreeuwde Theo vanonder het Perpetuum Mobiel hem toe. Hij had beschutting gezocht om niet ook gemarteld te worden door rondvliegend huisraad en had de pad bij zich. “Ga daar weg! Houd jezelf laag en zoek beschutting.” Met zijn hand gebaarde hij met korte zwaaibewegingen om ook onder het Mobiel dekking te zoeken.
Veel andere keus leek hij niet te hebben en maakte dat hij wegkwam uit de toenemende straal van rondvliegend huisraad en onderdelen van uitvindingen. Een serie pannen uit Theo’s bescheiden keukentje verloren de grip op de haakjes waaraan zij waren opgehangen. Achmed slipte over de gemorste koffie en struikelde daardoor. De confrontatie met de grote soeppan werd hiermee onvermijdelijk gemaakt.
“TONGK!” klonk het en je zou denken dat iemand de gong had geslagen. Achmed trok een cartooneske grimas en verloor mogelijk één of twee kiezen.

Theo en de pad hadden meer geluk gehad. Zij waren eerder in staat geweest zichzelf te verbergen. De zakhorloges – of etmaluren – hadden in elkaars nabijheid vanuit het niets een enorme en nog altijd toenemende kracht opgebouwd. Langzaam verloren zich daar omheen bevindende voorwerpen de strijd met hun eigen krachten waarop ze bruut werden losgetrokken en aangezogen door de zakhorloges.
Zodra de voorwerpen zich op de zakhorloges stortte volgden lichtflitsen en verdwenen zij in de uurwerken.

“Oh, mijn etmaluur had een verbeterd zakhorloge moeten zijn dat ongelijke kalenderdagen moest compenseren” stak Theo direct van wal toen hij zijn gehavende vriend in beschutting trok. “Het was een hobbyding waarmee ik een nieuw succes wilde boeken. Geen gezeik meer met het doordraaien van de wijzers wanneer de maand minder dan 31 dagen heeft. Oh eigenlijk …”
“Hou op!” Achmed deed waar hij zojuist al naar verlangde en trok de vest van de professor in zijn gespierde vuist.
Hij wees naar de zakhorloges die zich als kosmische magneten gedroegen en duidde: “Ziet dat eruit als een onschuldig horloge dat dagen compenseert? Nou?”
“Oh, correctie … het zijn er in wezen twee. Zie je, aan de andere kant…” Theo voelde hoe Achmed zijn greep krachtiger maakte en onderbrak hem. “Als we niet uitkijken compenseert dat geval dadelijk elke minuut die wij nog leven. Dus maak er vlug een eind aan!”

Paniekerig schoten de kraaloogjes van Theo heen en weer. Hij hield zijn handen slap en gebogen voor zich als een pup die om een worstje smeekte. Maar feitelijk bibberde hij van angst. Dit was meer omdat hij zich geen andere houding kon aannemen daar hij vastgeklemd zat in de greep van de beursgeslagen Achmed.

De pad, die zich al die tijd braafjes stil had gehouden, kroop plots voorzichtig onder een houten balk vandaan van de tafel waarop het overgrote deel van het Mobiel bevestigd zat. Tussen al het rondvliegend materiaal was zijn aandacht getrokken door een vliegje dat door de zuigende kracht in een reageerbuisje was beland. Samen met het buisje zat het vliegje geklemd achter een willekeurige andere uitvinding van Theo.
Als een jonge poes die met grote ogen zijn eerste eigen kleine jacht oefende kwam de pad schuchter naar voren. Had hij een staart gehad, dan had je hem duidelijk kunnen zien kwispelen.

“Oh, het moet door de kortsluiting in de Zwarte Golf zijn gekomen.” bedacht de geleerde zich ineens en wierp een blik op het grote aluminium apparaat dat nog altijd één derde van de ruimte in beslag nam maar ook langzaam beplating en onderdelen begon te verliezen.
”De bundel zwart licht die het genereerde, heeft zich daar verzameld doordat ik zonlicht in het apparaat heb opgevangen met behulp van spiegels op mijn dak …” Theo moest plotseling gorgelen en proesten, omdat Achmed zijn geduld verloor.
“Mijn dak kun je op! Bewaar die uitleg voor later Theo. Laten we eerst die … dat … die rare dingen uitschakelen.”

Het was alleen al te laat. De etmaluren hadden te veel krachten opgebouwd. Ze dreigden alles om zich heen op te zuigen. En hoe meer ze aan materiaal leken op te zuigen, hoe intenser de krachten werden. De woning en werkplaats begon te kraken. Stof werd zichtbaar waar de houten planken van het huis braken en langs elkaar schoven. Het keukentje scheurde in zijn voegen en leek enkele centimeters naar voren te schuiven. Plotseling stortte er een onlangs gerepareerd dakdeel naar beneden. Het kreeg geen kans om in stukken op de vloer uiteen te breken, maar vloog rechtstreeks naar de twee zakhorloges die nog altijd in de bronzen hefboom verzonken lagen.
Licht verdween waar zwarte wolken verschenen. Was dit de Apocalyps in de maak? Waren dit eigenlijk wel wolken? Of keken we naar een afwezigheid van licht. De etmaluren bleven zichtbaar, maar diverse zwarte slierten hadden zich in de ruimte gemanifesteerd en kringelden rondom het centrum waar al het materiaal naartoe vloog en verdween. De werkplaats kraakte en kondigde haar verval aan.
De vrienden bezagen hoe de pijl en boog achtereenvolgens met nog wat losse onderdelen over hun hoofden schoten. Splinters volgden. Het Perpetuum Mobiel begon nu duidelijk ook aan stabiliteit te verliezen. Het was het begin van een nieuw gevaar: de beschutting die was gevonden van de uitvinding begon los te breken.

Bliksem schoot door het vertrek. Het leek te dansen door de zwarte slierten alsof het gebonden was aan een meertrapstransformator. De werkplaats was omgetoverd tot een heuse tesla coil. Schichten verschenen om beurten en hadden allen de etmaluren als middelpunt.

In de spiegeling van de ogen van de Reuze Navelpad was te zien hoe de vlieg met grote moeite trachtte uit het reageerbuisje te ontsnappen. Hoe onverstandig dat ook zou zijn.
De pad kroop naderbij en waagde zich daarmee ietwat de dicht in de buurt van de etmaluren. Tot op dat noodlottige moment dat de etmaluren nog weer meer kracht hadden gewonnen en zo vat kregen op het bruine lijfje. De achterpoten schoven weg, zonder dat hij ze had aangestuurd. Veel tijd om aan zijn fout te denken had de Navelpad niet. Abrupt werd hij weggetrokken naar één van de zakhorloges.

Frustratie werd gevoed met wanhoop toen Achmed naar het zakhorloge omkeek en zag hoe zijn kleine vriendje in het niets verdween. Hij was hem kwijt en voelde dat hij gefaald had.

En juist op het moment dat de pad in één der etmaluren verdween, schoot een scherp voorwerp door het ander de werkplaats in.

Wordt vervolgd.

Vorig hoofdstuk: Bronzen impact
Volgend hoofdstuk: Vlieg op! 

By kornelisoflook | August 15, 2010 - 8:50 am - Posted in Scherpe Blik, Duimzuigerij, Nederlands

Het is al geen pretje als je allergisch bent voor waspoeder. Je huid gaat ervan jeuken, je huid wordt rood of je krijgt blaasjes. In het meest extreme geval krab je jezelf open, irriteer je jezelf als de ziekte en ga je ervan muteren.
In enkele gevallen kun je dan kiezen voor vloeibare wasmiddelen. Meestal gaat dat goed en was er nu al jaren mee. Maar wanneer ze ook de vloeibare wasmiddelen van enge ziektes gaan voorzien, dan wordt de keuze toch ineens wel erg beperkt.

Deze reclame heb je vast wel eens op tv voorbij zien komen:

“Nu gratis choloreus bij aankoop van twee actieproducten.”

Ik weet niet wat voor aandoening choloreus precies is … maar het klinkt niet echt gezond!
Laat die actieproducten maar zitten. Ik ga wel voor de antiallergeen.

By tinusicket | August 11, 2010 - 10:59 am - Posted in Scherpe Blik, Astronomisch gedachtengoed, Duimzuigerij, Nederlands

image by Alaskan Dude, edited by Gsorsnoi 

Het was een dag met een vrij druk bezette agenda. Een echte mentale energieslurper. Ik moest al wat eerder op mijn werk zijn om het uurtje te compenseren dat ik aan het einde van de dag nodig had om op tijd bij mijn rijles te zijn. Deze dag was sowieso wat raar. Toch al vroeger naar je werk, een afspraak die niet door ging en een vreemd probleem op het werk dat wat extra aandacht vroeg.
Het was echt zo´n dag waarop je ´s avonds op de vraag: “Hoe was jouw dag?” antwoordt “Nou, een beetje raar eigenlijk”.

Nog in gesprek met een collega van mij over dat ene probleem voelde ik de energie wat uit me wegtrekken waardoor mijn gesprek met hem leek alsof ik mij in een dromerige toestand bevond. Ik moest mijn energie die dag wat ongelukkig verdeeld hebben. En mijn dag was nog niet eens voorbij! Ik moest nog lessen voor mijn rijbewijs.
Het was duidelijk tijd om naar huis te gaan. Hup, autorijden jij.

Douchen onderweg.

Pep pep, toet toet! De lesauto stond klaar en ik ging lessen … met 110 in de stromende regen op de snelweg. Ach, heb ik dat ook een keer meegemaakt. Niet dan?

De hond in de pot vond ik niet, maar ik was de laatste die at. Uitgeblust ging ik daarna met vrouwlief nog wat op de bank zitten. Laat die flirt van de afwas nog maar even wachten. Eerst even hangen op de bank met een halve liter thee. Zo … buis aan … verstand op nul (was ie al! Mijn verstand ook trouwens).

Slaapwakker.

Op het moment dat we de herhaling van ons favoriete makeover-programma wegzapten om eens wat anders te kijken, liet ik mijn gedachten wat afglijden en was mijn onderbewustzijn mijn dag al aan het resumeren. Ik dreigde wat slaapfases te gaan overslaan om maar direct languit kwijlend op de bank in mijn Remslaap te belanden, maar presteerde het toch om wakker te blijven.
En toen … zo vanuit het niets … proefde ik ineens de smaak van een vreemde stad op mijn lippen. Alsof je onbedoeld hunkert een reis te willen boeken naar een ver land. Nou daar was ik wel aan toe!
Zonder dat mijn vrouw het werkelijk hoorde sprak ik zachtjes: “Seattle”.

Wat? Ja, Seattle. Je weet wel. Die grote stad in de staat Washington. Weet ik nu, want ik heb er net even op gegoogled. Mijn aardrijkskundige knobbel is best aan de ontwikkelde kant. Maar Seattle had ik even niet op een wereldbolletje kunnen aanwijzen. Je kunt niet alles weten. Hoe kwam ik er nu ineens op om aan die ene stad aan de westkust van de V.S. te denken?

Of all places.

“Wat is er nog meer op tv lieverd? Oh, hier komt zo een film. ‘A daughter’s conviction’. Geen idee. Laat hem daar maar even op staan.”
De film begon en … BAM … de eerste shot: de Space Needle van Seattle.

“Urrrlllgggh!!!” bracht ik uit en ontwaakte uit een Remslaap die ik niet heb beleefd. Maar ik zat daar mogelijk al de hele dag in gevangen en zou hebben kunnen zweren dat ik op de rand van een afgrond ben wakker geworden zo verbaasd was ik. “Seattle??” zei ik  nu hardop. Mijn vrouw kon het nu ook horen.
Ze keek me al bevreemd aan alsof ze mij wilde antwoordde: “Huh, wat is er met Seattle?”
Ja, precies! Hoe wist ik nou dat een film die nog moest beginnen zich afspeelt in … of all places … SEATTLE???

Onbewuste informatie.

De Petronas Twin Towers weet ik door een keer een tussenstop op Kuala Lumpur en diverse films nog beter op de kaart aan te wijzen. Maar van het bestaan van deze Space Needle (ook opgezocht) was ik mij niet eens bewust.

Ik heb hier dan ook maar één verklaring voor en verwijs graag naar een artikel wat ik hier al eerder over schreef: Onbewust lezen.
Soms neem je informatie tot je – zoals het bladeren door een tv-gids of een reclame die voorbij is geweest – die je niet bewust aan het bekijken bent, maar zonder dat je het door hebt, toch tot je neemt.

image by tnarik, edited by Gsorsnoi

Achmed en de Navelpad, maar vooral de professor, geloofden hun ogen niet: het Perpetuum Mobiel draaide op volle toeren en leek zichzelf in beweging te houden. Pompen, zuigers, flesjes, blaasbalgen, raderen, wielconstructies, hefbomen en veermechanismes … alles leek in beweging te zijn gekomen en in beweging te blijven. De gehele constructie was zó complex, groots en compact op elkaar gebouwd dat het onmogelijk leek voor een ander om zich van de werking van alle onderdelen te kunnen overtuigen.

Het was ongelooflijk dat deze hele stellage op gang was gebracht door het aantikken van een onschuldig lepeltje. Ondanks het feit dat Achmed hier met de pad om andere redenen aan Theo een bezoek kwamen brengen, kon hij het niet helpen zijn afgeleid te zijn door dit schouwspel.
Hij wist echter dat het Perpetuum Mobiel geen eeuwig leven beschoren kon zijn. Geen uitvinder in het verleden is daar ooit in geslaagd. De gedachte alleen al dat het hele mechanisme bestond uit raderwerkjes en hefbomen, houten en metalen componenten bracht hem tot de wetenschap dat de vergankelijkheid van het gebruikte materiaal ooit zijn tol zou komen eisen. Bij het terugdenken aan hun binnenkomst moest hij aan de opgestelde boog denken. Wat deed dit wapen in een apparaat dat er voor was ontwikkeld om meerdere cycli te doorlopen? Een pijl op een boog zal zichzelf niet uit de deur trekken en terug op de boog leggen. Toch?
Achmed had niet meer verbaasd kunnen zijn toen hij een bronzen metalen arm ergens tussen alle onderdelen omhoog zag komen die de pijl grof uit de deur rukte om deze terug op de boog te leggen. De boog werd netjes aangespannen door deze arm zodat de pijl opnieuw afgeschoten kon worden. Daarop keerde de arm terug in het mechanisme als was het een clown die uit een doosje omhoog was geschoten zoals je ze wel kent uit een fopwinkel.

“Volkomen nutteloos” bracht Achmed onhoorbaar uit en schrok even van zijn eigen onbeleefde uitspraak. Theo hoorde het toch niet. Die was zich nog over de continue beweging van het apparaat aan het verbazen. Het Mobiel maakte trouwens toch te veel leven om er in de nabijheid een normaal gesprek te kunnen voeren.
Er waren zoveel onderdelen te benoemen die Achmed zulke onnodige toevoegingen leken. Maar misschien was het juist dat radertje dat bij Theo los leek te zitten dat zijn uitvinding soms tot succes bracht. Tja, waarom makkelijk doen als het ook moeilijk kan?

“Waar is die pad van mij trouwens gebleven?” bedacht Achmed zich. Hij keek even om zich heen en nam de rest van het onderkomen van Theo in zich op. Allemaal nutteloze uitvindingen die de man bezig hielden waarvan je van een normaal mens niet zou denken dat hij zich ermee zouden kunnen voorzien in het levensonderhoud. Theo speelde het klaar.

Achmed stond naast een kolossale aluminium creatie in het vertrek wat er zeker één derde van in beslag nam.
“Theo, even over waarom wij naar je toe zijn gekomen.” Achmed moest zijn stem verheffen om boven het geluid van het Mobiel uit te komen om Theo’s aandacht te krijgen. “We zijn hier gekomen voor jouw hulp”.
Geen reactie.
Theo had al die tijd in een zekere euforie naar zijn uitvinding staan kijken. Hij was er eindelijk in geslaagd om een apparaat te ontwikkelen dat eenmaal in beweging gebracht, altijd zou blijven bewegen. Dat hij de beweging die het in gang had gezet niet zelf heeft veroorzaakt even daar gelaten.

Achmed probeerde het nog eens: “Theo!”.

Juist op het moment dat het er op leek dat Achmed aandacht zou krijgen van de professor begon het Perpetuum Mobiel een geweldig hard knarsend geluid te maken. De herrie was zo hels dat het de Duivel zelf zou wekken.
Hier ging iets niet goed. Enkele cilinders kregen meer slagen te verduren dan waar het voor gebouwd was waardoor de stoomproductie opliep en de ruimte zich vulde met een witte waas. Even voor het zicht over de machine werd ontnomen, kwam de oorzaak van het defect aan het licht: daar waar drie bronzen pijpen achter elkaar stonden opgesteld om stoom te blazen spuwde één ervan de Reuze Navelpad uit de koperen cilinder de ruimte in. Daar zat hij dus! De pad had zich in zijn nieuwsgierigheid verstopt in de machine.

Het Perpetuum Mobiel werd instabiel en begon aan alle kanten te ratelen. Een gigantische stoomproductie kwam tot ontwikkeling. Ketels werden gloeiend heet en zwelden rood op. Drijvers begaven het en lieten los. De hele stellage kwam in beweging en trilde als een bezetene.
De angst sloeg de professor en Achmed om het hart. Theo maakte een sprong en trok Achmed in zijn vlucht mee om beschutting te zoeken terwijl de machine tegen het punt van exploderen liep. Hier was het niet veilig meer.
Een enorme knal volgde waarbij een regen van klinknagels het drietal om de oren vloog. Naast klinknagels kwam er ook een hele serie radertjes los van het apparatuur. Eén ervan zoefde het gezicht van  Achmed rakelings voorbij en stootte met volle kracht tegen het bedieningspaneel van de grote aluminium creatie waar hij eerder naast had gestaan. Het had weinig gescheeld of het radertje had Achmed voor zijn leven ongelukkig gemaakt.

In plaats daarvan bracht dit bewuste radertje de rest van het verhaal in werking door de kortsluiting die het veroorzaakte in het getroffen paneel. Het paneel behoorde toe aan Theo’s volgende vinding: de Zwarte Golf.
Een halve meter verwijderd van het paneel van dit immense apparaat zat een soort kanon bevestigd dat ten gevolge van de kortsluiting een zwarte bundel begon te produceren. Een bundel die zich door de ruimte verplaatste in de richting van de plaats waar Theo had gestaan op het moment dat hij bezoek kreeg. De uitvinding waar hij toen aan stond te werken werd erdoor getroffen. Een elektrisch geluid kwam tot leven.
Direct na de impact van deze zwarte bundel begon de jaszak van Achmed te gloeien. Een schroeiplek brandde zich in zijn jaszak waardoor er een gat in ontstond. Achmed trok direct zijn jas uit en dacht dat hij op het punt stond om te verbranden.
Juist wanneer het gat gebrand was schoot het roodgloeiende zakhorloge los uit zijn borst en schoot met een geweldige vaart door de werkplaats.

Was een gekartelde hefboom van het Perpetuum Mobiel er niet geweest, dan had dit verhaal snel een verschrikkelijke afloop gekend. Het roodgloeiende zakhorloge was namelijk krakend tegen het brons van de hefboom tot stilstand gekomen. De impact van het zakhorloge tegen het brons was zo waanzinnig hard geweest, dat het zakhorloge anderhalve centimeter in het materiaal was weggezonken.

Professor Theo Nologie, die de andere kant van de hefboom bezag, constateerde dat eenzelfde zakhorloge zich ook aan de die kant in het brons had geboord. Geschokt bracht hij uit: “Oh nee! Het etmaluur!”

Wordt vervolgd.

Vorige hoofdstuk: De opluchting

image by jm3, edited by Gsorsnoi 

Na een heftige explosie in de Franjéstraat in Baarlem stond afgelopen zaterdagmiddag een deel van de winkelstraat blauw van de rook.

Door een ongelukkig voorval heeft een zware ontploffing plaatsgevonden in de verlichtingswinkel ‘Ja, Allicht’. De vrouw van de lampenboer zal zijn nog overgebleven peertjes een flinke poetsbeurt moeten geven nadat zij zichzelf van de schade en het enorme verlies heeft hersteld. Eigenaar Oswald Ram is niet meer. De zwaargetroffen echtgenote Petronella Ram meldt nog beverig hoe de heer Ram bij een ongeluk met een stapel exploderende TL-balken om het leven kwam. Petronella had haar man al eerder gewaarschuwd over de opslag van de 650 stuks tellende antieke TL-balken.
“Met een paar stevige touwen zaten deze vastgesnoerd in het magazijn. Maar toen afgelopen week de heer Ram een volgende TL-balk aan zijn collectie toevoegde brak één van de onderliggende TL’s doormidden. Het gas in één TL-balk is niet gevaarlijk. Maar 650 exploderende TL’s overleeft niemand.” aldus mevrouw P.Ram.

By reuzenavelpad | August 5, 2010 - 10:00 am - Posted in De anagrammen, Verbaal Genot, Reuze Navelpad, Duimzuigerij, Nederlands

image by ExeyPanteleev, edited by Gsorsnoi 

(Let op: extra moeilijk!)

Hey hallo! Heb ik je aandacht? Het artikel begint hier hoor. Ben je even afgeleid of zo?
Het is deze keer niet helemaal goed gegaan. De anagrammen van deze maand zijn één groot zooitje geworden!

Herinner je dat de Reuze Navelpad en ik vorige maand naar het strand zijn gegaan? Weet je nog dat het strand daar vol lag met mensen met ontblote navels? Allemaal bikini’s en blote torso’s?
Het was eerst leuk en gezellig samen op het strand. Maar dat was tot ik die kwaker van mij kwijt raakte. De aantrekkingskracht van al die maagdelijke navels was duidelijk te veel voor hem.

De Reuze Navelpad kon zijn honger naar het kruipen in navels niet bedwingen en schoot het strand over op zoek naar bekende Nederlanders.
En uiteraard lag het strand daar juist die dag vol mee.

Maar net zoals jij en ik te veel kunnen eten, zijn een tiental navels tegelijk voor deze pad ook een beetje te veel in één keer. Hij stampte zichzelf vol , raakte afgeleid door al die navels, vergiste zich in een navel en werd toen ineens flink beroerd. De pad begon over te geven en gooide zo alle anagrammen door elkaar.

Ja, en nu? Nu zitten we met een heel zooitje afgeleide anagrammen.
De truc is om eerst het juiste koppel anagrammen terug bij elkaar te plakken om vervolgens de letters weer terug door elkaar te gooien om er weer bekende Nederlanders van de maken.
Ga er maar aan staan…

Succes met ontanagrammaniseren!

  • Binoculair || Nepzwaard
  • Tamme || Imam
  • Arnica || Huismiddeltje
  • Louche || Luimen
  • Bler || Verbah
  • Jobjes || Notoir
  • Junk || Ellenden
  • Kroegninja || Nivelleren
  • At || Kannibalisme
  • Armada || Nerdje

Opgelost:

  • Jobjes ||  Nivelleren (geraden door PiCo)
  • Eet || Nepzwaard (geraden en ontpluisd door PiCo)
  • Arnica || Imam (geraden door PiCo)
  • Junk || Huismiddeltje (geraden door PiCo)
  • Armada || Verbah (geraden door PiCo)
  • Tamme || Ellenden (geraden door PiCo)
  • Kroegninja || Luimen (geraden door PiCo)
  • Bler || Kannibalisme (geraden door PiCo)
  • Binoculair || Nerdje (geraden door PiCo)
  • Louche || Notoir (geraden door Sandra)

Met vriendelijke reuzel,

Navelpad