image by wojofoto, edited by Gsorsnoi

Het moest er een keer van komen en het is ons dan ook gelukt. Vanaf dit jaar zal er elk jaar in Gohes City een nationale bakfietsen verbranding gehouden worden!

De PBV (Partij Bakfietsen Verbranding) van bakcist Tinus Icket heeft het wetvoorstel kunnen doordrukken om bakfietsen te kunnen verbranden. Vanavond zullen de eerste bakfietseigenaren worden uitgenodigd om hun bakfiets te komen laten verbranden aan de Ontstekingsweg in Gohes City. Het standpunt deze eigenaren meer belasting te laten betalen door invoering van de Kotersleurtaks gaf de doorslag voor enkele kamerleden om deze feestdag in te voeren.
Zouden zij soms zelf ook in het bezit zijn van een bakfiets?

“Toen ik nog een jong Tinusje was, mocht ik van mijn moeder altijd meedoen aan de kerstbomenjacht. Wij werden daartoe de straat op gestuurd om kerstbomen te gaan verzamelen die mensen aan de straatkant hadden geplaatst. Mijn vader reed de truck en wij vulde deze met de kerstrommel.  Op een daarvoor speciaal aangewezen plaats in de stad brachten wij alle kerstbomen samen en ontvingen we voor iedere boom een lot voor de kerstbomenloterij. Deze jacht was groots en trok veel jongeren, want iedereen wilde wel zo’n lot.

Terugdenkende aan zo’n kerstbomeninferno raakte ik al snel geïnspireerd om zo’n zelfde verbranding voor de bakfietsen te organiseren. Oh, wat zal dat heerlijk fikken!”

Bakfietsers mogen dus zelf hun eigen bakfietsen komen inleveren, waarvoor ze eveneens een lot zullen ontvangen voor de WSNOI-loterij. Doen ze dat niet, dan weet Tinus wel een aantal mensen die bereid zijn om op bakfietsenjacht te gaan.
Alle bakfietsen die niet op eigen terrein geparkeerd staan – al dan niet van slot voorzien – worden losgeknipt en ingeladen. Draaiorgels zijn ook welkom!

De invoering van de bakfietsloze maandag is het volgende punt op de agenda van de PBV waarover ze spoedig in debat zullen treden en beloofd nu al een daverend succes te zullen worden.

“Haal eerst die balk uit uw eigen oog, dan ziet u pas scherp genoeg om die splinter uit het oog van de ander te halen” (Mattheüs 7:3-5).
Dat zal ik vast nog vaker horen wanneer ik op de schrijffouten van een ander let en zelf schreivouten bij het leven maak. Contamineren doe ik ook zonder schaamte.

Maar de schreivout die ik heb gevonden in het artikel “Grote mensen verkeer” van mijn collega reporter Johan  vond ik wel zo leuk, dat ik het niet kan laten er een artikeltje aan te wijden. Dus zondig ik maar weer. Overigens gaat het me hier niet zozeer om een letter die abuis was op een velletje. Het is het velletje plastic dat ik fel begeerde.

“Wat bedoel je eigenlijk met: ‘vel begeren’?” werd hem terecht gevraagd. Of bedoel je misschien toch ‘fel begeren’? En dan die comment die ene Blik op de weg maakte op hetzelfde artikel: “een vel roze stukje plastic”. Weten we misschien wat daar de achterliggende gedachte van was?

Het antwoord is betrekkelijk eenvoudig:
Mijnheer Veenhof leefde waarschijnlijk nog in de veronderstelling dat ik mij bij de gemeente kon melden om vervolgens weer naar buiten te lopen met het ‘roze papiertje’. Een vel papier van een welbekende kleur waarmee je naast jezelf ermee legitimeren ook in een vehikel van een zeker type mag stappen, om er de weg mee op te gaan. Of zo je wilt: om je ermee te begeven in het Grote mensen verkeer. Oeeeehhhh!!!
De ambtelijke molen is er sinds het verdwijnen van berenvelletjes niet sneller op gaan draaien. Tegenwoordig moet je vijf werkdagen wachten tot het plastic is gefabriceerd (als ze open zijn!).

Beste Johan, de tijden zijn inmiddels iets veranderd.
Eén Blik op de weg maakt duidelijk dat ze die roze bewijsjes tegenwoordig soms uitdelen aan mensen, waarvan je kunt afvragen of je ze al op een (bak)fiets aan het verkeer kunt toevertrouwen. Dat terwijl nog relatief jonge honden, maar ervaren, zoals ikzelf er jaren voor hebben moeten zwoegen om de instanties duidelijk te maken dat ik best voorzichtig en netjes kan rijden.
Was 70 lessen niet genoeg?

Wat ‘plastic’ nou toevoegt aan dit felbegeerde bewijsje, is mij nooit helemaal duidelijk geweest. Kan ik mijn onlangs verkregen rijbewijs er straks misschien mee opwaarderen tot BE als ik hem langs een automaat houd?

By tinusicket | July 26, 2010 - 8:52 am - Posted in Duimzuigerij, Galbakkerij, Kakfietsen, Nederlands, Onbedoelde mening

image by tillwe, edited by Gsorsnoi 

Met dit artikel – dat overigens eveneens is gebaseerd op een waargebeurde waarheid –  wil ik de serie ‘Ivoren torentjes’ voorlopig besluiten. Hetgeen niet wil zeggen ik er nooit meer een poepje om zal laten en mij genoodzaakt zal zien weer in de pen te kruipen, maar leest dit verhaal en ge zult wellicht begrijpen waar de wortels liggen van mijn frustraties jegens dit omhooggevallen volk.Verder wil ik in deze serie nog even kwijt dat de geschreven artikelen omtrent de frustraties gestoeld zijn op die personen die zich daadwerkelijk als kakkers hebben gedragen. Want niet elk persoon met dit ‘type wasmachine’ gedroeg zich zó belegen als geschetst in dit verhaal. 

;-)

‘Er is geen betere, maar ook geen duurdere’ bedacht ik mij nog eens, terwijl wij met een loodzware wasmachine achter in de bus aan waren gekomen bij een villa in Bloemendael. Mijn collega Hans aan het stuur zag dat het met die ‘ruime’ oprijlaan wel meeviel en gebood mij uit te stappen en onze bedrijfsbus veilig binnen te taxiën. Een weinig later glimlachte ik naar mijn collega en stak mijn duim op. Mijn glimlach trok zich in een grijns op het moment dat ik aan een van de zijden van de bus zag dat de bakfiets van de eigenaar geen kant meer op kon.

We besloten eerst maar eens polshoogte te gaan nemen, voordat we het nieuwe zwaargewicht uit de bus trokken en mogelijk tot de conclusie moesten komen dat we ofwel aan het verkeerde adres waren, of dat er een andere aannemelijke reden was om de wasmachine nog maar even ingepakt in de bus te laten staan.

Het had er alle schijn van dat we bij het binnenstappen van dit vertrek zouden worden begroet door een butler die ons een wachtkamer zou wijzen om ons later te bedienen van de beste versgemalen koffie op een zilveren dienblad. Bij het naar buiten tillen van de oude wasmachine zou dezelfde butler waarschijnlijk nog achterna zijn gelopen met een ouderwetse wasteil om eventueel lekkend roestig restvocht op te vangen terwijl we het apparatuur naar zijn kerkhof zouden dragen.
Van de eigenaar van dit optrekje zou geen spoor zijn te bekennen. Zij zou wel wat beters hebben te doen. We zouden hooguit Mademoiselle De Petit Fleur met vier roze denim pantoffeltjes aan iedere poot op een kussentje aantreffen en door haar getrakteerde worden op een minderwaardige blik.

Een keer of wat onderweg van en naar de bus naar de plaats van de wasmachine zouden we 42 botten hebben gebroken, omdat onze glibberige werkschoenen het niet zouden hebben gehouden op het immer gepoetste marmer.
Verwacht mocht worden dat we de butler hadden moeten vragen in welke van de acht washokken de wasmachine geplaatst mocht worden om tot de conclusie te komen dat we erop gewezen werden dat we met de bus twee straten verder moesten rijden naar het buitenvertrek.

We waren namelijk al geschokt dat iemand met zoveel air in hoogsteigen persoon naar onze witgoedwinkel was afgereisd om zelf de wasmachine uit te kiezen die de oude moest gaan vervangen.

De schok was compleet toen deze Madam na ons aanbellen zelf de deur kwam open doen. Uit verbazing liet Hans zijn gereedschapskist bijna op mijn tenen stuiteren.
De vrouw des huizes stond daar in haar deurpost op een zo prehistorisch charmant mogelijke wijze ongeföhned en in niets meer gekleed dan een pluizige roze ochtendjas.
Het was de Koningin zelf, maar dan anders. Eigenlijk heel anders.

Meer dan een uur en zonder één slok koffie later stonden we buiten. Zo lang, omdat we niets viezer mochten maken dan het al was en daartoe de gastpantoffels moesten aantrekken en enorm werden opgehouden door de zeurende en kwebbelende Koningin. Er was niets wat we in haar ogen goed konden doen.
De wasmachine die moest worden vervangen stond in de keuken met het vieze wasgoed er nog in. Het aanrechtblad, de tegels en de vloer plakten aan alle kanten en hier en daar werd je getrakteerd op een dot kattenhaar.
Kleding lag door het gehele huis en de lucht van de GFT-bak was dwars door de serre bij de voordeur te ruiken.

Ik zal het nooit vergeten.

Al hadden we de attitude van een zeverende kakker wel al verwacht toen deze mevrouw bij ons in de winkel stond. De grootste desillusie was wel het huishouden gelijke Jan Steen die we aantroffen daar in Bloemendael.
 

image by Nesster, edited by Gsorsnoi 

Het is weer tijd voor een heerlijke tongbreker. Lees hardop! 

Vervent en onbeledigd doet de griet de andere zwager lager zingen. Maar hoger dan de schlagerzanger. Het polsbandje ziet zwart dat ze een ringtone al van verre heeft zien aankomen. Ja vandaag valt ze voor de bijl en zal Aart Staartjes naar de kapper willen. Nee, een gloed zal ze niet snel gehuild hebben. Maar vechten tegen orks, imps en anagrammen kan ze als geen ander!

Het leek bijna gisteren dat David de Kabouter een snollige zakdoek van visitekaartjes wist af te houden en zo voorkwam dat de moerkerdouwer zijn gulp opnieuw zou opendoen. Heel fantastisch was dat natuurlijk niet. Maar erger dan het wrok tegen bakfietsen is een draaiorgel die gemonteerd werd in zo’n ding.

Shufflepuck speel ik allang niet meer. Van andere retrospelletjes wordt het kwik romig. Al was het de grote pompoen die een knipoog gaf naar de huigvermuiting die dremel veroorzaakte. Een notitieblok staat sexy bij een persconferentie.
Likkebaardend en ongegeneerd slaat het scootmobiel op vier uur en leven de ganzen nog lang en gelukkig.

Ja man zonder stempelautomaat: nu ben je mooi gesjaakt!

Geïnspireerd op: Huigvermuiting veroorzaak dremel

By rinaoddel | July 15, 2010 - 12:36 pm - Posted in Duimzuigerij, Kakfietsen, Nederlands

Het is weer zomer. Dus het is ook weer tijd voor dat handige veelzijdige instrumentje waarmee we onszelf in 2009 en 2008 (eigenlijk 2000) al in alle gemakken konden voorzien. Ken je hem nog? Het Swetsers Zakmes!

Door de verbakfietsing van de Nederlandse samenleving leek het ons een logische stap om de anti-bakfiets versie van dit hypermoderne aardappelschilmesje op de markt te brengen. Ideaal voor de bakcisten onder ons. Zo kunnen we ons beschermen tegen deze vrachtwagens onder de fietsen. Natuurlijk willen wij wel dat iedereen zoveel mogelijk beschermd blijft tegen terreurpogingen. Inclusief de bakfietsbewoners zelf. Vandaar dat wij ons genoodzaakt zagen om de bakzooka en TNT-staven uit het vernieuwde zakmes te laten.

Zo zijn we uiteindelijk gekomen tot deze ‘vredelievende’ anti-bakfiets versie van …

Het Swetsers Zakmes!

Alfabetische lijst van elementen:

  • 60 Liter kerosine om te bakfiets mee te besmeuren
  • Aansteker met gasbrander
  • Al dan niet reflecterende wegspijkers
  • Anti-aanbakfietslaag
  • Bakfietsbanden-leksteker
  • Bakfiets-demontage-kit
  • Bakfiets detector
  • Bakfietsonbalanser
  • Bakfietssabotage systeem (overgenomen uit het model uit 2009)
  • Bakfietsversnipperaar
  • Bakfietswerende bochtschilden
  • Bakfietswerende fietsbel
  • Gekarteld naafmes
  • Krabpaal
  • Omleidingsborden
  • Plaatselijke regenbui
  • Rookgordijn
  • Routeplanner met locaties van bakfietsverbrandingsplaatsen
  • Schoffel
  • Slagboom
  • Stormram
  • Verblindende koplampen
  • Voorgebaktfietse ovenschotel

Prijs: ZB 72,- (omgerekend E 866,88)

By tinusicket | May 28, 2010 - 10:05 am - Posted in Duimzuigerij, Kakfietsen, Nederlands, Onbedoelde mening

Het voornaamste standpunt van de Partij Bakfietsen Verbranding is het tegengaan van de verbakfietsing van Nederland. Deze fietsende campers zijn de grootste bedreiging voor onze sociale samenleving waar we in ons land zo trots op zijn. Ze zorgen voor hinderlijke blokkades op de weg die het normale klootjesvolk belet om op tijd op het werk te verschijnen. Tevens zijn zij de grootste bron van wegirritaties waardoor mensen chagrijnig de dag door moeten en zich daardoor slechter kunnen concentreren. Dit leidt tot ontslagen en een verdere achteruitgang van onze economie.

Algehele bedreiging van onze verkeersveiligheid.

De volgende anekdote maakt duidelijk hoe bedreigend de bakfiets is voor onze verkeersveiligheid, onze economie en sociale omgang:

Laatst wilde ik zelf met mijn fiets een weg oversteken. Een groepje fietsers had zich aan de overkant van de oversteek netjes aan de rechterkant opgesteld.
Op een goed moment was er een gelegenheid ontstaan waardoor ik kon oversteken, zodat ik met oversteken begon. Het groepje tegenliggers aan de overkant deed dit natuurlijk ook.

Helaas was er een bakfiets (inclusief twee verwende koters) die er het geduld niet voor daar achter aan te sluiten en besloot de bakfiets dan maar op de linkerstrook te plaatsen waardoor het met mij in botsing dreigde te komen.
Ik werd hiermee voor het blok gezet. Veilig oversteken was er voor mij niet meer bij. Uitwijken kon ik niet, want Wouter op zijn kakfiets moest zo nodig de boel blokkeren. Gelukkig walste hij niet over mij heen, mag zag ook in dat er een probleem was. Alleen toegeven dat hij daarin fout zat was daar natuurlijk niet bij. In plaats daarvan keek hij mij verzuchtend aan alsof hij mij wilde duidelijk maken dat ik hem in een vervelend parket had gedrukt.
Wat moest ik? Ik was mijn oversteek al begonnen voordat hij met zijn kroost in die schuit sneaky vanachter de andere fietsers opdook en mijn oversteek onmogelijk maakte. Rechts van mij begon een vrachtwagen te toeteren.

Het geluk wat we hadden was dat de andere fietsers inmiddels aan de overkant waren uitgekomen, zodat de bakfietser – zoals het hoort – rechts van hem de normale oversteek kon beginnen. Na enig speeksel en fluweel gevloek te hebben geïncasseerd reed hij mij ten slotte rechts voorbij en kon ik veilig naar de overkant.
Onze straatsoldaat riep eens:
“zonder dat we het door hebben, worden we steeds asocialer”. Nou, die gedachte schoot op dat moment wel door mijn hoofd.

Wouter, Merel, Job en Mees het slechtst af bij de PBV.

Femke Halsema mag graag grapjes maken over mijn creativiteit om elk partijstandpunt met bakfietsen in verband te brengen, zoals ze ook deed op het Carré debat. Feit blijft dat zij ( de bakfietsers ) het ons onmogelijk maken ons werk fatsoenlijk uit te voeren en een bedreiging vormen voor de verkeersveiligheid.

In reactie op de stellingen van het Carré debat leg ik hier onze reacties nog eens aan u voor:

  • Stelling 1: “Hogere inkomens betalen meer belasting.”
    Standpunt: Tegen.
    Het spreekt voor zich dat die mensen in de maatschappij die het zich (kunnen) veroorloven een bakfiets aan te schaffen meer belasting moeten betalen. Het is daarom onzinnig om alleen de hogere inkomens te laten opdraaien voor de hogere belastingen terwijl er ook mensen met een lager inkomen zijn die van het weinige geld dat ze ontvangen besluiten een bakfiets aan te schaffen. En dan straks aankomen dat ze tegen de bijstand aan zitten.
    Heb je een bakfiets, dan betaal je – net zoals de hondenbezitters hondenbelasting betalen – daarvoor een aparte bakfietsbelasting.
  • Stelling 2: “Patiënt moet meer zelf betalen in de zorg.”
    Standpunt: Tegen.
    Uiteraard willen we de kosten in de zorg drastisch terugdringen. Probleem blijft alleen het grote aantal slachtoffers dat door bakfietsers veroorzaakte verkeersongelukken in het ziekenhuis belanden en daardoor met hoge zorgkosten komen te zitten. Oplossing: lasten bij de bakfietser leggen.
  • Stelling 3: Werkeloze heeft een jaar recht op WW.”
    Standpunt: Tegen.
    Een jaar is voor bakfietsers te lang.
    Voor mensen die zich niet aan een bakfiets bezondigen: 3 jaar handhaven.
  • Stelling 4: “Aftrek beperken huren omhoog.”
    Standpunt: Tegen.
    Laat de bakfietsbewoners deze lasten maar dragen. De hele economische malaise werd veroorzaakt door de teruglopende koopkracht door de bakfietsfietsers.
    Oplossing: Kilometerheffing op bakfietsers. Het geld dat beschikbaar komt in de huizenmarkt steken.

Andere algemene oplossingen:

  • Geleidelijke invoering van de bakfietsloze maandag.
  • Nieuwe feestdag in het leven roepen: Nationale bakfietsenverbranding.

Integratiebeleid.

Spuit toch ergens een eiland op in de oceaan met een netwerk van bakfietspadasfalt. Er zijn plekken genoeg waar het water toch al reddeloos verontreinigd is, dat we deze plekken best kunnen gebruiken om een bakfietsland van te maken.

Noem me een bakcist, maar ik ben geen racist.

( Dit artikel is bedoeld om te duiden hoe onzinnig je een partijbeleid kunt maken en de draak te steken met één van de parlementaire hobbies: racisme. )
 

“Ta-ta-tik, ta-ta-tik, ta-ta-tik , ta-ta-tik ” klonken ongeduldige nagels op de verlaten toonbank.

Het is zaterdagmiddag. Het is uitstekend weer om even de stad in te gaan. Dus onze winkel staat vol met klanten. Met z’n drieën verdelen we de aandacht over de aanwezige klanten die ons om aandacht vragen of waarvan wij hebben ingeschat dat hulp aanbieden tot een aankoop zou kunnen resulteren. Zo’n dag ziet een eigenaar in de detailhandel graag. Dit is de gezonde witgoedzaak in betere tijden met een zaak vol met mensen die blijkbaar iets willen weten of iets willen kopen.

Zo’n dag gaat natuurlijk nooit helemaal over rozen. Want als servicegerichte wasmachineboer zul je ook klachten moeten (en willen) incasseren waar je een passende oplossing voor moet zoeken. De klanten of de buitendienst kunnen opbellen met lastige vragen of je bent door je wisselgeld heen op het moment dat er dikke rijen voor je toonbank staan.
Toch zijn dit processen die je moet incalculeren. Ze horen er gewoon bij.

Er zijn ook situaties die op zo’n dag voorkomen waarvan je had gewenst dat je ze op een rustige doordeweekse ochtend kreeg.
Zo kunnen er ‘gekken’ doelloos je winkel binnenwandelen die je van je werk houden omdat je ze toch beleefd aandacht moet geven. Een boze klant kan de hele toko op z’n kop zetten door te tieren of door iets te saboteren. En je hebt van die kakkers die omhoog uit hun bakfiets zijn gevallen.

Ik zou geen ‘Gsorsnoi’ heten als ik me niet in het bijzonder zou storen aan die laatste groep.

Nadat ik had ‘afgerekend’ met de laatste klant werd ik onvermijdelijk geconfronteerd met de dame die aan de toonbank op mijn professionele hulp stond te wachten. ‘Geduldig’ heb je me niet horen gebruiken in de voorgaande zin.
Als blikken konden doden dan had ik op dat moment tot stof wedergekeerd. Een vrouw van bejaard gestel en leeftijd was al veel langer in de winkel aan het snuffelen tussen de koelkasten en had al blikken langs de koelkasten geworpen wie haar kon helpen. Ze bezat helaas niet langer het inzicht en brutaliteit om mij of mijn collega’s tijdig aan te klampen om deze mevrouw die voor de balie stond voor te zijn.
De ongeduldige vrouw voor de toonbank – waarbij ik al uren kak rook – had al het recht mijn aandacht op te eisen. Ze had zich namelijk voor de toonbank opgesteld. Omdat het zo de regels zijn hielp ik haar daarom eerst.
Het had alleen van een heel stuk meer beleefdheid getuigd als ze had voorgesteld dat ik de oudere vrouw eerst hulp zou aanbieden.

In zo’n situatie loop je altijd met diegene mee die zich netjes aan de balie heeft gemeld.
Toch zijn er genoeg situaties in mijn verkopercarrière geweest waarin brutale gevallen de aandacht opeisen zonder dat ze zich eerst netjes bij je melden.

Het knippen van vingers klonk op het moment dat ik bij het opkijken van een werkbon op de balie per ongeluk oogcontact maakte met zo’n bakfietsbewoner. Dit was mijn fout! In mijn ooghoek zag ik hoe links van mij een andere klant vanaf het klein huishoudelijk apparatuur passen maakte naar de toonbank.
“Jongeman, kun je me even helpen?” vroeg de vingerknipper hardop.
Ik probeer al een andere kant op te kijken, maar ik weet reeds hoe dit afloopt.
“Het spijt me, maar volgens mij was ik toch eerder” hoor ik de naderende klant in het algemeen opmerken. In deze situatie hing het van mijn beslissing af wie ik voor zou laten.
Mijn collega’s hadden beide de handen vol aan andere klanten zodat ik moest kiezen tussen twee kwaden.

Ik mag bevooroordeeld zijn met mijn mening over de beruchte kakkers uit deze wijk. Maar ik houd me op zo’n moment toch altijd voor dat omhooggevallen mussen je op zaterdag alleen maar van je werk houden met ik-koop-toch-niets-van-je gesprekken, omdat ze dinsdag te druk zijn met yoga en woensdag Fifi naar de hondentrimmer moet. Ze laten tussen hun vragen lange stiltes vallen, hebben iets te zeiken over de kleinste details en nemen de tijd van de wereld zonder dat ze iets kopen.
Alsof ze alleen op de wereld zijn.
Ze kopen eigenlijk alleen maar iets uit deze winkel, als de chef van de zaak het persoonlijk aan ze verkoopt. Vraag dan niet of ik je helpen wil!

Met een gevoel van overwinning in mij zag ik de zogenaamd modern geklede dame verontwaardigd op haar bakfiets stappen en wegfietsen nadat ik de andere klant voor liet gaan.
In het andere geval had de klant die ik toen voorliet boos weg gelopen. Dat had pas een gemis kunnen zijn.
 

By tinusicket | October 13, 2009 - 1:30 pm - Posted in Duimzuigerij, Galbakkerij, Kakfietsen, Nederlands, Onbedoelde mening

Zo’n tien jaar geleden zwaait er in een witgoedwinkel een vrouw naar mij. Ze stond even daarvoor nog voorover gebogen over haar bril te gluren naar de prijskaartjes van de strijkijzer. Dit is echter niet het type aandacht van een vrouw waar je als jonge vent op zit te wachten. Wat was ik? 17 of 18 jaar. Deze vrouw zou je elke leeftijd kunnen geven die hoger is dan een jaar of 40. Voor dit verhaal maakt de precieze leeftijd niet uit.

Ze zwaaide met de attitude van: “Hey ventje! Ja jij daar. Kom deze mevrouw eens even helpen. Want als je mij niet helpt dan heb je geen eten vanavond. Je baas betaalt je vast net genoeg om jezelf mee te onderhouden is het niet. Daarbij, je zou het als een eer moeten beschouwen om mij te helpen. Wat denk je wel? Hoi! Komt er nog wat van?”

Ik sta achter de toonbank. Links van mij op 11 uur strekt zich een stelling uit met een verzameling kleine huishoudelijke apparaten. Rechts van mij op 1 uur de wasmachines. De collega (de dertig gepasseerd) links naast mij gniffelt. Hij herkent zichzelf in mij toen hij nog een jong verkopertje was. De vrouw kijkt mij ongeduldig aan terwijl ik 2 seconden neem om te accepteren dat het weer zover is.
Gedwee kom ik achter de toonbank vandaan en ga haar helpen.
De klant is koning.

De vrouw straalt in het mij aan zien lopen al de air uit van: “Ja, ja. En jij zal mij wel even vertellen hoe ik een strijkbout moet gebruiken. Alsof je er zelf eentje hebt of er überhaupt eentje kan betalen. Laat staan dat je weet hoe zo’n ding werkt.”
Zo loop ik op haar toe met in gedachten: “Mens, waarom wuif je uitgerekend naar mij? Als je me toch al veroordeeld hebt dat ik totaal niets van strijkbouten weet.”

Ze kijkt me onderzoekend en bij voorbaat quasi beledigd aan en stelt mij een vraag. Dit heeft ze voorbereid. Om mij te toetsen heeft ze een onderdeel van de strijkbout uitgezocht waarvan ze kan vermoeden dat ik het vast niet zal kennen: die sleufjes aan de onderkant.

Mijn kans: “Ah, u bedoelt de preparende stoomkanalen, waarmee het stoom uit de strijkzool de stof met stoom kan voorbewerken? Daar bespaart u met het strijken een hoop tijd mee. De stoom krijgt zo eerder kans om de kreukels te verdrijven.” Dat mens weet zelf niet eens wat ze aan me vraagt. En als het er op neerkomt kan ik nog beter overweg met een strijkbout dan zij zelf.
Dat heb ik haar maar niet verteld.
Duidelijk geschrokken van mijn antwoord knikte ze en probeerde ze te vluchten uit deze situatie die meer voor haar als een vernedering voldoende dan voor mij had gehoeven. Je wilde toch iets weten? Ik heb je antwoord gegeven! Dat je niet verwachtte dat ik er überhaupt antwoord op had is niet mijn probleem. Ik ben uit een goede schoot opgevoed in deze witgoedwinkel. Je kunt mij praktisch alles vragen.

Sorry, ik gunde haar niet een antwoord zoals: “Oh het spijt me mevrouw. Dat weet ik niet. Ik zal even mijn baas erbij vragen”. Daar zou ze van genoten hebben.

Is mijn standpunt duidelijk? Ik walg van dit soort mensen! Bah!
Ga maar lekker terug in je ivoren torentje… Omhooggevallen mus.
 

By tinusicket | August 20, 2009 - 1:22 pm - Posted in Kakfietsen, Nederlands, Onbedoelde mening, Retourtje naar hier en terug

In navolging van het links- of rechtsomprobleem wilde ik nog even wat aandacht besteden aan voor- en meelopers.
Na het ritueel met de sofa en de pygmeeën* is er vanuit de kant van onze Retroman de vraag gesteld hoe we het ‘ongewenst meeloper effect’ oplossen. Retroman irriteert zich blijkbaar aan de mensen die naast je oplopen terwijl jij juist bezig bent deze mensen te passeren. Door het geringe verschil in snelheid tussen beide individuen blijf je een beetje naast elkaar hangen.

Persoonlijk zou ik er toch voor kiezen te gaan snelwandelen om mezelf maar zo snel mogelijk te verlossen van deze Zwaan-kleef-aan. De door BoB geopperde oplossing spreekt me overigens ook wel aan in het geval het hier om een ‘zij’ gaat. Door elkaar een handje te geven bloeit er dan misschien nog wel iets moois op.
Of je krijgt de bons of een blauw kruis … goed: oplossingen genoeg!

Waar ik mij als fanatiek fietser ook erg aan kan irriteren zijn die voorliggers. Ik wil deze eeuwenoude irritatie toch nog even aan het daglicht brengen. Toevallig had dit laatst weer mijn aandacht toen ik op het stalen ros opnieuw mijn avontuurlijke pogingen ondernam om op het werk te arriveren.

Onderweg werd mijn weg versperd door twee paar flinke hammen op een stalen prikker. Van de zadels was weinig meer te zien. Twee vrolijk giechelende dames posteerden zich voor mij op de weg en ontnamen mij alle mogelijkheid om tot de door Retroman omschreven situatie te komen. Inhalen was gewoon uitgesloten. Horen deden ze me niet. Ik doe er mijn best voor niemand te beledigen. Maar ik vraag er wel het respect voor terug dat men overige weggebruikers ook wat ruimte gunt in hun tocht van A naar B.

Dit gaat natuurlijk niet alleen op voor de mensen met wat breder uitgevallen postuur: ook bakfietsen (heb je ze weer) schamen zich er niet voor om naast elkaar te gaan fietsen en het leven van potentiële passanten zuur te maken. Aan dit rijtje ontkom ik niet aan het moeten toevoegen van de moeder die met al haar jonge eendjes op de fiets het hele fietspad inneemt, het tweetal dames met boodschappen, alle fietsers tussen de 12 en 18 jaar (standaard fietsen zij met z’n drieën naast elkaar) en opa en oma die wat meer ruimte nodig hebben.

Kort samengevat hebben we het dus over de volgende groepen:

  • De tweetallen ‘breder’ uitgevallen persoontjes. 
  • Bakfietsen en aanverwante grotere fietsvoertuigen. 
  • Moeder Gans + kroost. 
  • Mensen met uitpuilende boodschappentassen.
  • Jongeren die met meer dan 2 naast elkaar fietsen.
  • Opa en oma die de plaats op de weg vergeten zijn.

Alhoewel ik voor de laatste groep het meeste respect en geduld kan opbrengen, wil ik toch even kwijt dat ik hier soms ook wat moeite mee heb. Het is de combinatie van langzaam fietsen, ver uit elkaar fietsen en in voorkomende gevallen slechthorend zijn en daardoor mijn gebel niet horen, dat ik er maar niet langs kan komen.

Ik heb het advies gekregen mij wat asocialer op te stellen in het verkeer. Maar toch zou ik de bovengenoemde groepen het volgende advies nog graag op het hart drukken:
o Ga achter elkaar fietsen.
o Beperk het naast elkaar fietsen tot 2 personen (is ook wettelijk opgelegd).
o Denk in het gesprek met je gesprekspartner ook eens aan je omgeving.
o Dat vrouwen twee dingen tegelijk kunnen en wij mannen niet heb ik alle respect voor, maar boodschappen doen en socializen op een fiets kan gewoon niet.
o Houd je kroost bijeen. Is ook veiliger voor de kroost.
o Verbrand je bakfiets.

(* zie comments bij het artikel http://wsnoi.com/tn/?p=197#comments )

By rinaoddel | August 12, 2009 - 1:01 pm - Posted in Kakfietsen, Nederlands, Tycoon Newspaper Archieven

Iets langer dan een jaar geleden werd het Swetsers Zakmes voor de eerste maal op het internet voor een schappelijk prijsje aangeboden. Dit apparaatje verscheen in 2000 al op de markt en was voor die tijd bijzonder revolutionair.
Je kon ermee schaken, je gebit reinigen, muziek mee spelen, foto’s maken, bier mee tappen, conserveren, op het stand liggen, darten, de weg terugvinden in piramides, je kleren ophangen, de gootsteen ontstoppen en nog heel veel meer. Hier kun je lezen wat er nog meer mee mogelijk was.

In navolging van de losgebarsten speculaties van onze Moraelridder over het vervolgmodel zijn de tekeningen hiertoe uitgedacht, doorontwikkeld en uitgetest. Het oude model uit 2000, die pas echt de markt begon te veroveren in 2008, is inmiddels gedateerd zodat we met trots de nieuwere versie kenbaar mogen maken:

Swetsers Zakmes kampeereditie

Bij voorkeur te gebruiken tijdens het kamperen of creperen en is tevens toepasbaar in een riante hotelkamer of bij Nordic walking.

Alfabetische lijst van elementen:
• 800×600 beeldschermresolutiedeïnstallatieprogramma
• André’s opblaaspop
• Bakfietssabotage systeem
• Buxushaag
• Dartbord (valt te combineren met het Swetsers Zakmes uit 2000)
• Diskette van de belastingdienst met de aanslag voor 2009
• Enige wapperbesturing
• Fout hekbordje
• Freeware debugger
• Gratis popup blocker
• Meterkast uit 1886
• Lampenkap volgens de nieuwe spelling
• Wat lucht voor in de fietspomp
• Warme broodjes beenham
• Sladroger
• Sticker van gewogen bananen
• Scrollbalk
• Nieuw alfabet
• Nederlands inburgeringdiploma
• Ontanagramminiseermachine
• Originele danspasjes van de King of Pop
• Inbouw wijnkoeler
• Portie morfine
• Thee-eitje
• Twee haringhechtingen
• Treincoupe inclusief conducteur
• Zbersibarn rekenmachine

Introductieprijs: ZB 65,- (omgerekend E 812,50)

Het Swetsers Zakmes uit 2000 gaat nu in de uitverkoop voor ZB 40,- (omgerekend E 500,-). Zolang de voorraad strekt.